Lectuur op zaterdag: erfelijk autisme, gamification zonder leereffect en moed indrinken (en meer)

De weekendbijlage bij deze blog:

Worden leraren genoeg betaald?

Nee, deze post gaat niet over de Nederlandse PO in actie of over de oproep voor meer loon van de Vlaamse onderwijsvakbonden. Deze post gaat wel over een nieuw Education Indicators in Focus-rapport van de OESO die naar de lonen van leerkrachten keek in de deelnemende OESO-landen. En wat blijkt? Slechts in een paar landen lijkt het antwoord op de vraag in de titel: ja.

Deze grafiek kan trouwens behoorlijk wat olie op het vuur gooien in Nederland. Hier in Vlaanderen mogen de masters niet echt klagen, lijkt het, maar scoren tegelijk de bachelors ook onder het gemiddelde in vergelijking met andere hooggeschoolden.

Er zijn nog enkele opvallende inzichten:

  • Between 2005 and 2014, teachers’ statutory salaries decreased in real terms in one-third of the countries and economies with available data.
  • Teachers’ salaries usually increase with the level of education they teach. The salary gap between upper secondary and other teachers has narrowed between 2005 and 2014.
  • In 2014, on average across OECD countries, teachers’ actual salaries at pre-primary, primary and secondary levels are 11% to 25% lower than those of tertiary-educated workers.

Maar waarom is dit allemaal zo belangrijk? Wel: in de meeste landen dreigt een lerarentekort. Het is zeker zo dat les geven puur voor het geld geen goed idee is, maar een inkomen is natuurlijk ook cruciaal. En als je als leerkracht niet meer kan wonen in de stad waar je les moet geven omdat je daar de huur niet kan betalen, laat staan een huis kopen, zoals nu al het geval is in Londen of Amsterdam, dan zitten we met een groot probleem.

Meta-studie toont dat werken aan het sociaal-emotionele op school langdurig positief effect heeft

Via Larry Ferlazzo ontdekte ik deze nieuwe meta-analyse waaruit blijkt dat lesprogramma’s op school die leerlingen aanleren hoe ze hun emoties kunnen herkennen, hoe ze problemen onderling kunnen oplossen en hoe ze gezonde relaties kunnen aangaan, maanden en zelfs jaren later na de vorming nog steeds hun meerwaarde tonen.

En wat houdt die meerwaarde in, in vergelijking met leerlingen die dit niet volgden:

  • betere schoolresultaten
  • betere sociale vaardigheden
  • beter in het vermijden van negatief gedrag zoals druggebruik.

De meerwaarde van de meta-studie van Taylor en collega’s is dat ze ook keken naar bijvoorbeeld 8 studies die echt naar het effect jaren later keken. 

Abstract van het onderzoek:

This meta-analysis reviewed 82 school-based, universal social and emotional learning (SEL) interventions involving 97,406 kindergarten to high school students (Mage = 11.09 years; mean percent low socioeconomic status = 41.1; mean percent students of color = 45.9). Thirty-eight interventions took place outside the United States. Follow-up outcomes (collected 6 months to 18 years post-intervention) demonstrate SEL’s enhancement of positive youth development. Participants fared significantly better than controls in social-emotional skills, attitudes, and indicators of well-being. Benefits were similar regardless of students’ race, socioeconomic background, or school location. Post-intervention social-emotional skill development was the strongest predictor of well-being at follow-up. Infrequently assessed but notable outcomes (e.g., graduation and safe sexual behaviors) illustrate SEL’s improvement of critical aspects of students’ developmental trajectories

Bannen we maar liever laptops in de les?

Nog niet zo heel lang geleden plaatste ik hier een interessante MIT-studie die toonde dat de aanwezigheid van laptops in de les voor minder leren zorgde, zelfs als je met het toestel enkel dingen kon doen die met de les te maken hebben. Nu wordt een nieuw artikel van Scientific American massaal gedeeld op Twitter met een gelijkaardige boodschap: laptops in de les hebben weinig voordelen, heel veel nadelen.

De aanleiding voor het artikel is dit onderzoek met resultaten die iedereen die ooit achteraan in een aula zat, wel zal herkennen: de meeste studenten zijn met hun laptops compleet andere dingen aan het doen dan wat voor de les relevant is. Op dat moment zijn ze dus aan het multitasken en dat is desastreus voor het leren.

Uit het onderzoek blijkt dat van de 100 minuten les, de laptopstudenten gemiddeld 40 minuten met compleet andere zaken bezig waren op hun computer en slechts 5 minuten met de les gerelateerd. Het is dus weinig verwonderlijk dat de studenten die de laptop bij zich hadden gemiddeld – vermoedelijk daardoor – slechtere punten behaalden.

Je zou nu kunnen zeggen dat dit slechts twee studies zijn, maar er is een pak meer. Zie hiervoor ook de links in het artikel in SA.

Wil dit zeggen dat we alle technologie uit onderwijs moeten bannen? Heel zeker niet. De boodschap is wel: er zijn momenten waarbij leerlingen en studenten best geen technologie om handen hebben zodat ze zich kunnen focussen. Maar er zijn ook genoeg studies die aantonen hoe technologie een meerwaarde kan hebben. Dat de lesgever hierin een stuk de regie op zich moet nemen, lijkt me ook aangewezen, studenten zullen hun eigen gebruik niet noodzakelijk correct inschatten. Meer nog: correct met technologie leren omgaan voor het leren, lijkt me een belangrijk leerpunt dat we in onderwijs moeten meegeven.

En oja, ook nog dit: geen laptops in de les wil ook niet zeggen dat er per definitie opgelet wordt. Er is ook nog een ander belangrijk punt: er moet goed les gegeven worden.

Hoe vindt jouw computer zo snel een website op het internet? (TED-ED)

Het lijkt zo simpel: je tikt een adres in je browser en daar is al snel de website die je wil bezoeken. Maar dat internet is wel ondertussen enorm groot en die website staat misschien ook nog op een server ergens aan de andere kant van de wereld. Hoe werkt dat?

Voor de Marshmallow test is het 1-0 voor Kameroen versus Duitsland

De Marshmallow test, een experiment uit de jaren zestig – bedacht door Walter Mischel -dat door de aandacht voor executieve functies vandaag terug zeer veel aandacht geniet. Voor wie de test nog niet kent, elke reden is goed om dit filmpje nog even te tonen:

Nu hebben onderzoekers een vergelijkende studie gedaan van hoe kinderen in Duitsland presteren op deze test versus kinderen uit landelijke streken in Kameroen. Wat blijkt? De kinderen uit Kameroen verslaan de Duitse kinderen ruimschoots.

De onderzoekers stellen dat misschien de traditionele, meer harde opvoeding van de kinderen in Kameroen helpt om zich beter te leren bedwingen. Het zou een element kunnen betekenen in hoe je executieve functies kan trainen.

Nu, spijtig genoeg is het niet zo eenvoudig om op basis van dit onderzoek deze verklaring te geven. Het onderzoek stelt het verschil vast, maar voor verklaringen kunnen de onderzoekers enkel maar gokken. Het kan bijvoorbeeld ook zijn dat de uitdaging van het niet moeten snoepen al anders ervaren wordt in de twee regio’s.

Abstract van het onderzoek:

The development of self-regulation has been studied primarily in Western middle-class contexts and has, therefore, neglected what is known about culturally varying self-concepts and socialization strategies. The research reported here compared the self-regulatory competencies of German middle-class (= 125) and rural Cameroonian Nso preschoolers (= 76) using the Marshmallow test (Mischel, 2014). Study 1 revealed that 4-year-old Nso children showed better delay-of-gratification performance than their German peers. Study 2 revealed that culture-specific maternal socialization goals and interaction behaviors were related to delay-of-gratification performance. Nso mothers’ focus on hierarchical relational socialization goals and responsive control seems to support children’s delay-of-gratification performance more than German middle-class mothers’ emphasis on psychological autonomous socialization goals and sensitive, child-centered parenting.

‘Om het lerarentekort op te lossen, moet de leerkracht centraal staan’

Gisteren schreef ik dit stuk voor Knack.

Het bericht verscheen dat onderwijsminister Hilde Crevits het deeltijds pensioen als mogelijke oplossing ziet voor het lerarentekort, iets wat al snel door de minister op Twitter genuanceerd werd.

Het lerarentekort, je krijgt alleen al snel lezersbrieven als je nog maar durft te beweren dat het tekort bestaat. Waarom? Wel, er worden enorme regionale verschillen opgetekend, en ook welke vakken je als leerkracht kan geven, bepaalt hoe gegeerd je bent voor scholen.

Het is fout te denken dat dit een typisch Vlaams fenomeen is, integendeel: het is zowat een wereldwijd probleem. Concreet zijn er dicht bij huis grote tekorten in het Verenigd Koninkrijk en in Nederland. Berichten van klassen die maandenlang bepaalde lessen niet krijgen zijn er niet meer ongewoon.

De voorbije weken bekeek de Volkskrant verschillende mogelijke opties, van scholen een dagje per week sluiten, over leerkrachten die op afstand les kunnen geven in verschillende scholen tot klassen van meer dan veertig leerlingen.

De ene methode is orthodoxer dan de andere, maar de meesten hadden vaak slechts een beperkt resultaat.

Er bestaan natuurlijk nog opties. Zowel Nederland als het Verenigd Koninkrijk zien het inschakelen van buitenlandse leerkrachten als een mogelijke oplossing. Ondertussen geven in de grensstreek met Nederland al verschillende Vlaamse leerkrachten les. Maar als het probleem zo algemeen is, is ‘het buitenland’ plunderen geen optie – er zijn daar namelijk ook tekorten.

Maar geld gaat verloren. In Nederland blijken scholen vandaag al dure uitzendbedrijven in te schakelen om nog leerkrachten te vinden. Geld dat dus niet naar onderwijs gaat, maar er wel voor bestemd is.

Dit is bij mijn weten nog niet het geval in Vlaanderen, maar ik sprak afgelopen winter met verscheidene schooldirecteurs die elke ochtend bang afwachten of er een lesgever ziek zou vallen. Het zoeken van vervangingen bleek voor hen bijna een fulltime job te zijn.

Als je hoopt dat ik nu met goed nieuws en oplossingen zal komen aandraven, moet ik je teleurstellen want de bodem van de kelk is nog niet bereikt. We zien de voorbije jaren de inschrijvingscijfers in de lerarenopleidingen namelijk dalen. En herinner je je nog de babyboom die er tot drie jaar geleden voor zorgde dat er (te) weinig plaats was in crèches en kleuterscholen? De oudste kinderen van die babyboom starten nu in het middelbaar onderwijs. En we kunnen dan wel proberen scholen bij te bouwen, ondanks de prijs blijft dat een pak eenvoudiger dan leerkrachten vinden.

De overheid wou hier iets aan doen door bijvoorbeeld de job van leerkracht aantrekkelijker te maken met het loopbaanpact. Maar omdat de verschillende partners het niet eens werden, is er enkel een studie besteld die nog een jaartje op zich zal laten wachten. Dan zijn er twee verkiezingen, wat ook nog wel voor de nodige vertraging zal zorgen. Oja, de lerarenopleiding aan de hogeschool duurt drie jaar. Blijkbaar hebben we tijd.

Ik twijfelde heel erg om deze tekst te schrijven. Het laatste wat ik wil, is nog meer mogelijke kandidaten afschrikken. Voor zij die dit lezen graag dit: het is en blijft een zeer mooi beroep waar je veel in moet steken, maar wel veel uit terugkrijgt.

Ik kreeg in juni de kans om enkele uren met een honderdtwintigtal afzwaaiende leerkrachten te praten. Ik hoorde vooral angst. Startende leerkrachten hebben veel vragen over het M-decreet en een vierde vraagt zich zelfs af of leerkrachten binnenkort niet door computers zouden vervangen worden.

Ik heb hen verteld dat projecten zoals de Steve Jobs-scholen in Nederland of de Carpe Diem-scholen in de Verenigde Staten, waarbij leerkrachten vervangen werden door tablets en computers, in slecht weer waren gekomen en – na eerste positieve ervaringen – toch geen succesverhalen bleken.

Ondertussen hebben bedrijven als IBM, Pearson of Microsoft de droom om leerkrachten te vervangen door technologie opgeborgen en kijken ze nu vooral hoe technologie leraren kan ondersteunen. Onderwijs gaat namelijk niet enkel over kennisoverdracht, maar ook over relaties, opvoeding en zoveel meer. Voor dit alles heb je leraren nodig.

Een van de makkelijkere uitspraken in onderwijs is: stel het kind centraal. Dit zegt weinig en toch win je er makkelijk onderwijsdiscussies mee. Maar als we voor ons kinderen iets willen betekenen, dan vrees ik dat de komende jaren vooral de leerkracht centraal zal moeten staan.

We zullen onze leerkrachten moeten vertroetelen, koesteren, en betalen. Want we weten dat iets duur wordt als het schaars blijkt.

Lectuur op zaterdag: lege winkels, emotioneel competente tieners en Malala (en meer)

De weekendbijlage bij deze blog:

En dan was er nog dit: