Fitbit ontmoedigt jongeren te bewegen (Linda Duits)

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

Een Fitbit is een draadloos apparaatje dat op een horloge lijkt en dat bijhoudt hoeveel je beweegt, eet en slaapt. Vervolgens kun je je data delen met vrienden. Het idee is dan dat het competitie-element je aanzet nog beter te bewegen, eten en slapen. Twee Britse bewegingswetenschappers stellen echter op basis van onderzoek [open access] dat de Fitbit het tegenovergestelde effect heeft op jongeren.

Methode
Aan het onderzoek deden honderd jongeren mee van 13 en 14 jaar. Ze werden via de gymlessen van twee Britse scholen geworven. De deelnemers moesten acht weken lang een Fitbit Charge dragen. Zowel aan het begin als aan het einde van deze periode werd er een kwantitatieve vragenlijst afgenomen. Daarna werden de leerlingen in focusgroepen op een kwalitatieve manier bevraagd. Hierdoor verkregen de onderzoekers zowel objectieve als subjectieve inzichten over de Fitbit.

Resultaten
Na het dragen van de Fitbit waren competentie, autonomie en motivatie afgenomen. De focusgroepen hielpen de onderzoekers deze resultaten te begrijpen. Zo vertelden de leerlingen dat een standaarddoel van 10.000 stappen per dag vaak niet haalbaar is. Hierdoor voelden ze zich minder competent:

“Then you sit there and you realise it’s seven o’clock and you’ve got, like, ten steps, you feel really bad.”

Het competitieve element werkte ook demotiverend. Aanvankelijk wilden de de leerlingen elkaar graag verslaan in allerlei poules. De groepsdruk die daarmee gepaard gaat leidde bij sommige leerlingen tot meer bewegen, maar creëerde bij andere juist negatieve gevoelens van niet goed genoeg zijn. Bovendien was de beweging gericht op het verslaan van een ander, niet op het plezier van het bewegen zelf. De motivatie om te gaan bewegen kwam dus voort uit druk en schuldgevoelens.

Ook interessant is dat de nieuwigheid van de Fitbit er na vier weken af was:

“I feel like, in the first few weeks, I was motivated more, but then by the end I was just sort of discouraged by—It’s not like I didn’t do exercises, just—I don’t know.”

Na die vier weken gingen ze ook minder bewegen, en waren ze minder gemotiveerd om te bewegen. Het positieve effect van de Fitbit was dus zeer kortstondig.

Implicaties
Kekke nieuwe technologieën als de Fitbit kunnen dus een negatief effect hebben op de motivatie om te gaan bewegen. Vooral het element van vergelijken speelt daarbij een rol: het vergelijken met een standaarddoel en het vergelijken met elkaar. De onderzoekers raden daarom aan kinderen en jongeren vooral te stimuleren persoonlijke doelen op te stellen. Apparaten als de Fitbit kunnen gepersonaliseerd worden en het is belangrijk jonge mensen daarop te wijzen. Bovendien stellen de onderzoekers dat er opgepast moet worden met bewustwordingscampagnes die standaarddoelen promoten, zoals de 10.000 stappen.

Overbezorgde ouders verpesten met mobiele technologie de zomerkampen van hun kids

Een blogpost van Linda Duits die eerst verscheen op dieponderzoek.nl en die gaat over zomerkampen in de VS, maar die ik ook wel een stuk herken in Vlaanderen (de bezorgdheid), al wellicht en hopelijk minder extreem (de overbezorgdheid).

Zomerkampen zijn een belangrijke traditie in de VS. Meer dan elf miljoen kinderen gaan jaarlijks een paar dagen of weken weg. Ze doen er voornamelijk buitenactiviteiten zoals zwemmen en paardrijden. Een aantal kampen heeft educatieve doeleinden, andere zijn meer gericht op avontuur. Het idee is altijd dat je even weg bent van je ouders en dat je nieuwe vrienden maakt. Dat wordt nu belemmerd door ouders die hun kinderen weigeren los te laten en steeds via mobiele technologie contact met hen zoeken.

De Amerikaanse nieuwsorganisatie NPR bericht dat de meeste zomerkampen internettoegang verbieden. Slechts bij tien procent is het toegestaan mobieltjes te gebruiken. Constant contact met de ouders verhindert kids namelijk deelname aan de activiteiten en het vormen van vriendschappen. Het zijn de ouders die niet tegen deze regels kunnen. Zij geven kinderen soms twee mobieltjes mee: één om in te leveren en één om te verbergen zodat papa of mama contact kan houden. Ook worden mobieltjes verstopt in knuffels.

Jeugdonderzoeker Barry Garst zegt tegen NPR:

“We started to hear from camp directors a number of years ago that parents were the most problematic areas of a camp experience. … Not weather, not water safety, not grizzly bears. Nope, it’s parents who call daily demanding reports on their kids, who expect to hear from the camp director about every skinned knee. … The No. 1 concern is the separation that parents feel, and the difficulty in accepting a different type of communication with their child when their child is at camp.”

De digitale detox van een zomerkamp is het moeilijkst voor de ouders, kinderen wennen vrij snel. Ouders vallen kampleiders lastig met overbezorgde telefoontjes. Kampen die ouders tegemoet komen door zelf foto’s en filmpjes online te plaatsen ontkomen hier ook niet aan:

“”They’ll get that phone call: ‘Hello, camp director, I was on your website and I don’t see them. Are they OK? Were they sent to the hospital?’” [says Garst]. “They dissect every picture,” agrees Jeff Grabow, the director of Camp Echo. “It can throw a first-year parent into a spiral. Very often we’ll have children playing a game and in the background they might see their child looking up at the sky, and we’ll hear, ‘My son or daughter looks sad.’”

Die constante controle is niet goed voor de ontwikkeling van kinderen. Ze blijven afhankelijk van hun ouders, heimwee gaat niet weg en het is moeilijker voor ze om zelf problemen op te lossen. Zomerkamp was een plek waar de volwassen wereld van ouders echt gescheiden was van de kinderwereld. Wat zegt het over ouders van nu dat zij die splitsing zo dwarsbomen?

Bij elke volgende aankondiging uit Silicon Valley zie ik deze video van The Onion

Heb niks tegen mensen die geld (willen) verdienen, maar deze video is meesterlijk gemaakt in stijl en feel.

Ook in het mobiele tijdperk nemen jongeren de nieuwsgewoontes van hun ouders over (Linda Duits)

Oef, Linda Duits is terug aan het bloggen geslagen na een semi-pauze van een jaartje. Deze blog verscheen dus eerst op dieponderzoek.nl.

Klassieke socialisatietheorie stelt dat kinderen leren van hun ouders, en dat kinderen dus ook van hun ouders leren hoe ze nieuws tot zich kunnen nemen. Kinderen groeien op in een media-omgeving gemaakt door de ouders: als zij altijd Het Journaal aan hebben staan, krijgen kinderen dat met de spreekwoordelijke paplepel ingegoten. Oud onderzoek uit de jaren ’70 laat dat duidelijk zien, maar gaat het ook op voor moderne media? Het geluid van radio en televisie kan een hele woonkamer vullen, maar nieuws kijken op mobiel is immers veel meer een individuele aangelegenheid. Bovendien vindt mediagebruik nu niet meer hoofdzakelijk thuis plaats.

In een recente studie [abstract] onderzochten communicatiewetenschappers het nieuwsgebruik van 1505 Amerikaanse jongeren tussen de 12 en 17 jaar oud en dat van hun ouders. De vragenlijst werd afgenomen in 2014. Het onderzoek laat een aantal opmerkelijke resultaten zien. Allereerst dat jongeren het meeste nieuws binnenkrijgen via de televisie, terwijl dat voor hun ouders de computer is. Hoe ouder jongeren worden, hoe meer hun nieuwsconsumptie via mobiel gaat. Verder geldt echter: laten zien heeft meer effect dan aanmoedigen.

Het apparaat doet ertoe
Kinderen die opgroeien in een nieuwsrijke thuisomgeving, zoeken zelf ook meer nieuws op. De sterkste ‘voorspeller’ van televisienieuws kijken onder jongeren is het televisienieuwskijken van ouders. Dat geldt ook voor nieuws via de krant, computer en mobiel: als ouders zelf op die manier nieuws vergaren, voorspelt dat het sterkst of hun kinderen dat ook doen. Voor tablets is het zelfs de enige significante voorspeller. Aanmoediging is niet significant in de modellen. De onderzoekers stellen dat het echt gaat om zien welke apparaten ouders gebruiken:

“General encouragement from parents to follow the news does little to explain the adoption of youth news habits across devices, while the specific news behaviors of parents have much more explanatory power. These results are surprising. Observational learning happens when behaviors are made visible and are positively reinforced. We might expect, given changes to media device usage toward individualized consumption and the rise of the bedroom media culture in the home, that parents’ news consumption would become less important. This is not the case” (p. 14-15).

Volgens de auteurs kan het zijn dat kinderen eerst de apparaten van hun ouders gebruiken, en dus zo in aanraking komen met de apps van hun ouders. Het kan ook zo zijn dat kinderen hun ouders zien (horen) praten over wat ze lezen op hun apparaat. Socialisatie door observatie thuis blijft dus cruciaal.

School en vrienden
Andere vormen van socialisatie doen er minder toe, maar zijn wel van belang. Het gaat dan bijvoorbeeld om het curriculum op school en wat peers doen. Vooral als het goede voorbeeld van ouders ontbreekt, kunnen scholen jongeren aanzetten tot nieuwsconsumptie door ze de juiste vaardigheden en kennis aan te bieden. De invloed van leeftijdsgenoten is moeilijker in kaart te brengen. De onderzoekers legden als stelling voor ‘Among my friends, it’s important to know what’s going on in the world’. Deze variabele is van belang, maar het is lastig uit te leggen hoe dit mechanisme precies werkt. Online gesprekken tussen jongeren gaan over nieuws, vermaak, school, elkaar. Dit vereist nader onderzoek.

De onderzoekers vatten samen:

“As we have seen in previous studies, socialization researchers should recognize that spheres outside the home have an important role to play in shaping socialization outcomes, but even in our contemporary era, the political and news richness of the home environment remains in most cases the most central site for socialization” (p. 15).

Had Einstein ADD? (video + extra factcheck-aanvulling)

Mooie factcheck-video van De Volkskrant over de claim dat Einstein ADD had:

Maar ik kan er nog iets aan toevoegen, namelijk: dat Einstein op school slecht presteerde is een hardnekkig verhaal dat ook anders ligt dan je vaak hoort. Lees hier de uitleg hoe dit – wellicht foute – verhaal ontstond.

Hoe cool kan augmented reality zijn?

Vond deze via @aral en moet zeggen, het ziet er niet enkel cool uit, maar ik zie het ook nog gebruikt worden:

Google Glass is terug

Ah, Google Glass. Een hype die deed hopen en het woord Glasshole opleverde om daarna afgevoerd te worden. Ondertussen kennen we augmented reality-games zoals Pokemon Go en wachten sommigen stilletjes op een goedkopere versie van de Hololens van Microsoft die veel verder gaat dan Google Glass ooit deed.

Maar… Google Glass is terug, specifiek ontwikkeld niet voor hipsters maar wel voor de bedrijfswereld. Check hier. Dus niet als hippe tool voor apps, maar wel een mogelijkheid om werk makkelijker te maken. Dat Alphabet zich richt op onder andere de gezondheidszorg is geen toeval.

Lees meer hier bij Wired en lees ook hier enkele kritische bedenkingen.