Presentatie: een andere kijk op Snapchat

21 04 2015

Het is net een beetje te veel “gepsychologiseer” naar mijn smaak, maar deze presentatie geeft wel een mooie introductie op en beschrijft het aantrekkelijke van Snapchat (alhoewel 1 bedenking ontbreekt: weg is niet noodzakelijk echt weg!)





Infografiek: hoe kijken kinderen wereldwijd naar televisie

17 04 2015

Een infografiek van VIMN-netwerk:





Moral Panic Alert: Younow (Linda Duits)

17 04 2015

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

Livestreaming apps zijn plotseling hot. We horen veel over Meerkat en Periscope, twee applicaties waarmee je vanaf je telefoon kunt streamen wat er gebeurt. Handig als je bijvoorbeeld bij een debat aanwezig bent. Meerkat werd populair op technologiefestival South by Southwest half maart. Periscope werd onlangs gekocht door Twitter en verkreeg zo veel aandacht. In Nederland hebben we nog weinig gehoord van een derde alternatief,YouNow. Dat duurt misschien niet lang meer, want in de VS zijn ze al volop in paniek.

YouNow zou vooral veel gebruikt worden door tieners. Volgens Yahoo zijn er vier miljoen gebruikers die iedere maand meer dan 100 miljoen webcasts maken en bekijken. Meer dan een derde van die gebruikers zouden tieners zijn, en nog eens veertig procent begin twintig.

Tieners + nieuwe technologie = paniek onder opvoeders. ‘Miljoenen vreemden kunnen ‘s nachts naar uw tiener in zijn of haar slaapkamer kijken’ stelt CBS News. Een pedofielenparadijs, noemt een krant het. The Huffington Post benadrukt dat kinderen er uitgedaagd worden en dat regels er alleen op papier bestaan. Ook daar keert het woord pedofielenparadijs terug:

“What is also clear is that many children are inviting the world anonymously into their bedrooms, naively sharing their identity, privacy and intimacy with strangers. YouNow also exits as a smartphone app, enabling children to broadcast from virtually anywhere and negating crucial parental supervision. Prior to writing this post I conducted a completely unscientific poll of colleagues and friends asking if they knew about YouNow. Many of them have children and all of them use social media. None of them had heard of it. When I described it, one horrified parent called it ‘pedophile heaven’.”

Alle onzin over jongeren en sociale media wordt weer van stal gehaald: ze zijn naïef, ze gaan verkeerd met privacy om, ouders missen het toezicht. Laten we hopen dat deze morele paniek aan Nederland voorbijgaat.





Infografiek, peiling en brochure van Kennisnet: leraren en de inzet van sociale media

16 04 2015

Kennisnet deed een peiling onder 324 leraren basisonderwijs en voortgezet onderwijs over het gebruik van sociale media in onderwijs.

Uit de peiling komen deze opvallende resultaten naar voren:

  • Leraren gebruiken vooral Facebook en WhatsApp voor schoolzaken.
  • Zij gebruiken deze sociale media voor contact met collega’s, het beantwoorden van vragen van leerlingen (over huiswerk of cijfers) of communicatie met ouders.
  • 29% van de ondervraagden gebruikt nooit sociale media voor schoolzaken.
  • Bijna alle leraren (94%) geven aan weinig of geen zicht te hebben op onderlinge contacten die leerlingen hebben via sociale media.
  • Minder dan de helft van de ondervraagden voelt zich voldoende vaardig in het omgaan met sociale media voor schoolgerelateerde zaken.
  • 23% krijgt ondersteuning van het team of de schoolleiding bij het omgaan met sociale media.
  • Bijna één derde heeft behoefte aan meer informatie en ondersteuning.

De belangrijkste inzichten werden ook samengevat in deze infografiek:

Infographic_leraren_en_de_inzet_van_sociale_media

Verder brengen Stichting School & Veiligheid en Kennisnet om scholen en leraren te ondersteunen de publicatie ‘Sociale veiligheid op school en internet’ uit.





Over het muurtje kijken: verchten tegen cyberpesten in Wallonië

15 04 2015





Een korte mediageschiedenis van seksuele voorlichting op de Nederlandse tv (Linda Duits)

11 04 2015

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

De geschiedenis van seksuele voorlichting op de Nederlandse televisie begint in 1972 met Seks In Wording (Avro). In een studio ingericht als spreekkamer bespreken een arts en een psychiater in witte jas zaken als masturbatie en menstruatie. Seks In Wording was vooral bedoeld om ouders handvaten te geven bij hun seksuele voorlichting. Het wordt roerig in 1974, metOpen & Bloot (VARA) waarin presentator Joop van Tijn voor het eerst ‘neuken’ zegt op de Nederlandse televisie. Van Tijn praat in de studio interviewfragmenten aan elkaar. Daarin vertellen ‘gewone’ Nederlanders – van tieners tot bejaarden – thuis over hun seksleven. Het programma bevat zoals de VARA betaamt liedjes en sketches. Daarnaast zijn er animaties over vooral het vrouwelijke lichaam.

In de jaren ’80 wordt het seksueel stil op de televisie. Met de komst van AIDS lijkt de seksuele revolutie definitief voorbij. Veronica wijdt in 1987 een thema-avond aan seks. De titel is veelzeggend voor het tijdsbeeld:Veilig Vrijen. Het gaat vooral over jongeren en de zomervakantie, en geeft tips hoe je verstandig seks kunt hebben. Er wordt een condoom afgerold om een erectie, in close-up. Voor het eerst is op de Nederlandse televisie te zien hoe een penis een vagina binnengaat.

Seks wordt ‘cool’ in beeld gebracht in Sex Met Angela (1993). Dit Avro-programma richt zich sterker dan de voorgangers op jongeren. Flitsende muziek en een studio vol met kussens om gezellig op te liggen en luisteren naar kleurig geklede ex-Dolly Dot Angela Groothuizen. Er zijn straatinterviews met jongeren en een bekende Nederlander komt vertellen over zijn of haar ervaringen. Voor anatomie is weinig plek, maar voor diversiteit des te meer. Holebi-jongeren, gehandicapte jongeren en jongeren van verschillende etnische achtergrond weten zich gerepresenteerd.

In het nieuwe millennium wordt seks op tv het domein van de nieuwe jongerenzender BNN. Neuken Doe Je Zo! (2003) met Bridget Maasland wil vooral “dingen losmaken”. Er is een vaste arts die uitleg geeft over anatomie, zoals gemiddelde penisgrootte en de mythe van het maagdenvlies. Seks wordt weer wat leuker en er is dus aandacht voor plezier en genot. Neuken Doe Je Zo! wil “geile” televisie maken. Het draait dus niet alleen om voorlichting, maar ook om vermaak.

Die tendens wordt doorgezet in Spuiten & Slikken (2005). Over seks wordt er nauwelijks meer voorlichting gegeven, over drugs des te meer. In Spuiten & Slikken wordt seks vooral ingezet als erotisch amusement. De beelden zijn dan ook behoorlijk expliciet. Voor biologie is geen aandacht. Liefde wordt eigenlijk alleen besproken met de BN’ers die te gast zijn in de studio.

Nu is er De Dokter Corrie Show (NTR). De witte jas van dr. Corrie, het item met de BN’er, de tieners die over hun ervaring vertellen en de liedjes bouwen duidelijk voort op het genre. Nieuw is de doelgroep: het gaat niet om jongeren, maar om prepubers in de laatste jaren van de basisschool. Veel meer dan de genoemde programma’s wordt het onderwerp benadert met humor. Cabaretier Martine Sandifort speelt Dr. Corrie, een wat onhandige maar immer bezielde seksuoloog.

Eerdere seksuele voorlichtingsprogramma’s wilden allemaal ‘het taboe’ rond seks doorbreken, keer op keer weer. In De Dokter Corrie Show is seks volkomen normaal. Het is dr. Corrie die raar is, met haar beugel en haar onvermogen woorden als vagina te zeggen.

Het programma begon als item in Het SchoolTV-weekjournaal. Daar werden sommige ouders zo boos over dat ze een petitie startten om het te verbieden. In die zin is er weinig veranderd: enerzijds praten voorlichtingsprogramma’s op de Nederlandse tv open over seks, anderzijds zijn er mensen die dat volkomen ongepast vinden.

Dit is een verkorte versie van mijn column die vandaag verscheen op The Post Online. Voor dit overzicht is gebruik gemaakt van de masterscriptie Media & Cultuur van Merel Swanink (UvA). Zij analyseerde de verschillende programma’s die te zien zijn geweest.





Ter verdediging van sociale media

3 04 2015

Stromae nieuwste clip en de hetze rond en over het drama van Steve Stevaert hebben 1 ding gemeen: sociale media lijken het gedaan te hebben.

Paul van Haver, aka Stromae, is slim. Zijn videoclip is geniaal, maar ook dubbel:

De man is wereldwijd groot geworden niet enkel door de ijzersterke songs, maar evenzeer door slimme, online marketing. Ik vermoed dat hij bij Stima zeer hoog staat op het lijstje voor het marketingcongres.

Gisteren vielen zowel traditionele als sociale media over elkaar in de nieuwsgaring rond eerst de aanklacht tegen minister van staat Steve Stevaert en later de vermissing en zelfdoding. Hierbij deed volgens mij de journalist van De Tijd zijn job door het nieuws relatief sec te brengen, en ging een krant als De Telegraaf volledig uit de bocht met hun titel waarin ze stellen dat de verkrachtingsminister vermist wordt.

Op sociale media, twitter op kop, gingen ook verschillende mensen uit de bocht. Ik schrijf bewust mensen en niet gebruikers, omdat we collectief lijken te vergeten dat het onderwerp en de schrijvers nog steeds mensen zijn.

De eerste wet van Kranzberg luidt “technologie is noch goed, noch slecht, maar is ook nooit neutraal.” Dit geldt zeer zeker ook voor sociale media. Dit argument zou ook en wordt ook gebruikt om wapens goed te praten, maar het essentiële verschil met bijvoorbeeld pistolen is dat sociale media niet uitgevonden zijn om iemand te doden, net zomin als het het broodmes dat je deze ochtend gebruikte om je boterham te smeren (met dank aan @netlash voor het beeld).

Voor elk vreselijk voorbeeld, zijn er talloze mooie verhalen. Ik leer elke dag bij van wat collega’s wereldwijd over onderwijsonderzoek delen via sociale media. Ik zag en nam deel aan verschillende online onderwijsdiscussies die een pak diepgaander waren dan een gesprek van een paar minuten op radio of televisie, zelfs al is het in 140 tekens die heen en weer gaan.

Een metafoor die ik de voorbije 24 uur veel hoorde is dat Twitter een café is met toogpraat van lallende dronkaards. Dit is veel te kort door de bocht. Die dronkaards, of beter trollen zijn er, al dan niet zich anoniem verschuilend achter een alias, zich lekker veilig wanend. Maar het is niet de massa die zich zo lallend voortbeweegt. In de rest van het café zitten mensen te vieren dat er een nieuw kind geboren is, krijgt een ander steun bij het verlies dat hij of zij doormaakt, wordt een koppeltje verliefd op elkaar,… Het lijkt wel het echte leven, en daarvan is het ook een weerspiegeling.

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat sociale media vaak een verlengde is van het gewone leven van elke dag, soms wordt Facebook en co een uitvergroting. De grote verschillen met het dagelijkse leven zijn dat wat je doet meer publiek kan zijn en langer bewaard wordt. “Vergeten” is daarom een belangrijk discussie geworden in de hele privacy-discussie.

Maar net als vergeten, is volgens mij vergeven ook vooral geen technisch probleem of uitdaging, maar is het vooral mensenwerk. Guillaume Van der Stighelen vatte het – op twitter – mooi samen:





Jongeren zijn niet verslaafd aan hun telefoon, ze vervelen zich gewoon of vermijden jou (PEW)

3 04 2015

Nee, alle gekheid op een stokje, verveling blijkt inderdaad een belangrijke reden te zijn om naar je telefoon te grijpen volgens het nieuwe PEW-rapport over mobiel gebruik in de VS:

Meer inzichten uit het rapport:

10% of Americans own a smartphone but do not have broadband at home, and 15% own a smartphone but say that they have a limited number of options for going online other than their cell phone. Those with relatively low income and educational attainment levels, younger adults, and non-whites are especially likely to be “smartphone-dependent.”

Smartphones are widely used for navigating numerous important life activities, from researching a health condition to accessing educational resources. Lower-income and “smartphone-dependent” users are especially likely to turn to their phones for navigating job and employment resources.

A majority of smartphone owners use their phone to follow along with breaking news, and to share and be informed about happenings in their local community.

Smartphones help users navigate the world around them, from turn-by-turn driving directions to assistance with public transit. This is especially true for younger users.

An “experience sampling” of smartphone owners over the course of a week illustrates how young adults have deeply embedded mobile devices into the daily contours of their lives.

The experience sampling survey illustrates that smartphone usage often produces feelings of productivity and happiness, but that many users also feel distracted or frustrated after mobile screen encounters.





Persbericht Mediawijzer: onderzoek Iene Miene Media, ouders in spagaat door toename mediagebruik

26 03 2015

Er zijn nieuwe cijfers over het mediagebruik van de jongste kinderen, mediawijzer.net rapporteert:

Ouders komen steeds vaker in een spagaat door de toename van het mediagebruik van hun kinderen. Aan de ene kant staan ze hun kinderen steeds vaker en langer toe om met tablets en computers te spelen, zelfs tot in de slaapkamer. Aan de andere kant zijn ouders er ook van overtuigd dat media geen ‘must’ voor hun kinderen zijn en vinden ze dat kinderen beter iets anders kunnen doen dan met media bezig te zijn. Dat blijkt uit het jaarlijkse onderzoek Iene Miene Media van het Nederlands Jeugdinstituut in opdracht van Mediawijzer.net onder ruim 1000 ouders van kinderen van 0 t/m 8 jaar. Mediawijzer.net roept ouders tijdens de Media Ukkie Dagen op om bewust te kiezen voor zowel kwaliteit van media als voor voldoende ‘offline’ speeltijd.

CIJFERS MEDIAGEBRUIK JONGE KINDEREN

  • Jonge kinderen besteden steeds meer tijd aan schermmedia als tablets en smartphones. Zo besteden kinderen van 1-4 jaar dagelijks tweeëneenhalf keer zo veel tijd (34 minuten) aan een tablet dan in 2012 (12 minuten).
  • Kinderen van 5-8 jaar maken met 15 minuten per dag tweeëneenhalf keer zo lang gebruik van een smartphone dan in 2012 (6 minuten).
  • De televisie neemt anno 2015 in de wereld van jonge kinderen nog steeds de meest prominente plaats in (1-4 jaar: 46 minuten per dag, 5-8 jaar: 53 minuten per dag).
  • 51% vindt dat ‘gewoon speelgoed’ beter is voor kinderen (slechts 6% is het hier niet mee eens) en 48% van de ouders vindt dat kinderen beter iets anders kunnen doen dan media gebruiken (slechts 8% is het hier niet mee eens).

De top-3 vragen waar ouders mee zitten in de mediaopvoeding zijn:

  1. Hoe garandeer ik de veiligheid van mijn kind online?
  2. Hoe kan ik bepalen of een website, app of spelletje goed is voor mijn kind?
  3. Wat is voor mijn kind een normale tijd om per dag gebruiken te maken van digitale media?

MEDIA IN DE SLAAPKAMER

Uit het onderzoek blijkt verder dat media steeds verder doordringen in de slaapkamers van jonge kinderen. De televisie (12%), de tablet (6%) en de spelcomputer (6%) zijn met een opmars bezig in vergelijking met afgelopen jaren. ‘Gewone’ kinderboekjes zijn nog altijd dominant aanwezig in de slaapkamer (87% heeft minstens een boekje op de slaapkamer). De toename van smart-media lijkt vooral toe te schrijven aan de groep jonge kinderen van 1-4 jaar.

Onderzoeker prof. dr. Peter Nikken van het NJI zegt hierover: “Veel ouders maken zelf regelmatig gebruik van schermen: op het werk, thuis en onderweg. Kinderen krijgen daardoor een belangrijk voorbeeld over hoe belangrijk media zijn. Voor hen is het dus steeds gewoner dat ze zelf ook media gebruiken op allerlei momenten van de dag en op allerlei plekken. Het is goed om ouders erop te wijzen dat zij voor een goede balans van activiteiten moeten zorgen: naast media moet er ook voldoende tijd zijn voor slapen, vrij spelen en met elkaar praten en lachen.”

OUDERS IN SPAGAAT: KIEZEN VOOR KWALITEIT

Mary Berkhout van Mediawijzer.net wijst ouders op tegenstelling uit het onderzoek. Berkhout: “De toename van media in de wereld van jonge kinderen kun je goed begeleiden door bewust te kiezen voor kwaliteit van media. Dat betekent voldoende balans in het mediagebruik en kiezen voor kwalitatief goede content als games, apps en YouTube-filmpjes.” Bovendien zijn schermmedia niet zonder meer voor de allerjongsten geschikt. Berkhout: “De laatste wetenschappelijke inzichten duiden erop dat schermgebruik door kinderen onder 2 jaar meestal niet bijdraagt aan hun ontwikkeling. Een blokkendoos is hiervoor veel waardevoller.”

» Download Hoofdresultaten – Onderzoeksverslag Iene Miene Media 2015

MEDIA VOOR UKKIES: KIEZEN OPVOEDERS VOOR KWALITEIT?

MUD Media Ukkie DagenHet onderzoek Iene Miene Media, dat is uitgevoerd door het Nederlands Jeugdinstituut in opdracht van Mediawijzer.net, is vandaag tijdens de aftrap van de Media Ukkie Dagen gepubliceerd. Deze jaarlijkse campagne ondersteunt opvoeders en professionals bij de mediaopvoeding van kinderen van 0 t/m 6 jaar.

Tijdens de Media Ukkie Dagen organiseren bibliotheken, Centra voor Jeugd & Gezin en vele partners van Mediawijzer.net activiteiten voor ouders en opvoeders rondom mediaopvoeding. Centraal staat de vraag hoe opvoeders een bewuste keuze maken voor kwaliteit van media. De Media Ukkie Dagen 2015 vinden plaats van 26 maart t/m 2 april. Ga voor meer informatie naar www.mediaukkies.nl.





Zeer interessant van Klokhuis: hoe zorgen winkels er voor dat we meer kopen?

26 03 2015

Alhoewel er wel wat vragen te stellen zijn bij neuromarketing (en wat er in het begin van de uitzending zit), toont deze video aan leerlingen wat er allemaal achter de werkelijkheid zit.

(gevonden via Kids en Jongeren marketing)








Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 7.349 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: