Werkloosheid kan je persoonlijkheid veranderen

19 02 2015

Doorheen de tijd zijn er verschillende visies geweest op persoonlijkheid. Je hebt theorieën van bijvoorbeeld Freud of Erikson die persoonlijkheid als iets dynamisch zien, of een Big Five benadering die je eerder als statisch zou kunnen klasseren. Een nieuw onderzoek bij 6769 Duitse volwassenen toont dat persoonlijkheid minder statisch is dan we mogelijks denken.

De deelnemers aan het onderzoek kregen 2 maal een persoonlijkheidstest gebaseerd op de Big Five (handig trucje:Openness, Conscientiousness, Extraversion, Agreeableness en Neuroticism vormt samen Ocean) voorgeschoteld over een periode van 4 jaar. Van de steekproef waren er 210 deelnemers meer dan een jaar werkloos en waren er 251 werkloos voor minder dan een jaar voor ze werk vonden. Opmerking: ik kon deze keer het eigenlijke onderzoek niet bemachtigen, dit is gebaseerd op de perstekst.

Wat stelden de onderzoekers vast:

  • Bij mannen die werkloos waren, nam de mildheid (Agreeableness) toe tijdens de eerste 2 jaar van hun werkloosheid in vergelijking met mannen die nooit hun job verloren. Na 2 jaar nam de mildheid af en werd ze zelfs minder sterk dan bij mannen met werk.
  • Bij vrouwen daalde mildheid met elk jaar van werkloosheid.
  • Hoe langer mannen werkloos zijn, hoe minder nauwgezet (conscientiousness) ze werden. Bij vrouwen bleef dit bij het begin van werkloosheid en naar het einde van de werkloosheid intact, met een dip in het midden.
  • Openstaan voor indrukken en anderen bleek bij werkloze mannen behoorlijk stabiel het eerste jaar van werkloosheid, maar begint dan wat af te nemen. Bij vrouwen neemt het erg af in het tweede en derde jaar, om dan in het vierde jaar weer toe te nemen.

De verschillen die ontstaan kunnen verklaard worden door de onzekerheid van de situatie, de stress van zoeken, de frustraties,… en tegelijkertijd kunnen net die veranderingen ook je parten spelen bij het zoeken van werk.

Abstract van het onderzoek:

Unemployment has a strongly negative influence on well-being, but it is unclear whether it also alters basic personality traits. Whether personality changes arise through natural maturation processes or contextual/environmental factors is still a matter of debate. Unemployment, a relatively unexpected and commonly occurring life event, may shed light on the relevance of context for personality change. We examined, using a latent change model, the influence of unemployment on the five-factor model of personality in a sample of 6,769 German adults, who completed personality measures at 2 time points 4 years apart. All participants were employed at the first time point, and a subset became unemployed over the course of the study. By the second time point, participants had either remained in employment, been unemployed from 1 to 4 years, or had experienced some unemployment but become reemployed. Compared with those who had remained in employment, unemployed men and women experienced significant patterns of change in their mean levels of agreeableness, conscientiousness, and openness, whereas reemployed individuals experienced limited change. The results indicate that unemployment has wider psychological implications than previously thought. In addition, the results are consistent with the view that personality changes as a function of contextual and environmental factors.





Over het muurtje kijken: dove kinderen voelen muziek in Zwitserland

12 02 2015




Over het muurtje kijken: de kloof tussen doven en horenden dichten in de VS

11 02 2015





Over het muurtje kijken: dove kinderen les geven met videoboeken in Argentinië

10 02 2015





Een TED-lezing over mythes in de psychologie door Ben Ambridge

5 02 2015

Via Leren. Hoe? Zo! deze TED-talk ontdekt over mythes in de psychologie door Ben Ambridge.

Boeit deze talk je, heb ik nog een paar tips voor je:





Nieuw onderzoek toont invloed armoede op geheugen

2 02 2015

Onderzoekers bekeken of het werkgeheugen van kinderen die in armoede leven op het platteland verschilt van kinderen die in stedelijke armoede leven. De onderzoekers stelden vast dat kinderen in armoede zowel beperkingen vertonen op vlak van verbaal als visueel-ruimtelijk geheugen. Het kortetermijngeheugen (of werkgeheugen) zou namelijk uit 2 delen bestaan, namelijke een verbaal werkgeheugen (bijvoorbeeld, het onthouden van gesproken cijfers, letters of woorden) en een visueel-spatieel werkgeheugen (bijvoorbeeld, het onthouden of zich voorstellen van figuren). (zie wikipedia)

Opvallend is dat de mindere werking bij kinderen op het platteland gelijk is voor beide vormen van geheugen, terwijl kinderen uit de stad slechter scoren voor visueel-spatieel dan voor verbaal.

De onderzoekers vermoeden, in lijn met eerder onderzoek van oa Mullainathan en Shafir en hun boek Schaarste, dat de oorzaak van de mindere werking veroorzaakt wordt door stress. Onderzoekster Michelle Tine ziet in dit onderzoek ook evidentie voor de stelling uit vroegere onderzoeken dat omgeving bij kinderen uit gezinnen met lage SES vooral een invloed heeft, terwijl genen hier weinig impact hebben. Terwijl dit voor kinderen uit hoge inkomens het omgekeerde klopt. Als de omgeving goed genoeg is, wordt de invloed van genen groot.

Abstract van het onderzoek:

This study was designed to investigate if the working memory profiles of children living in rural poverty are distinct from the working memory profiles of children living in urban poverty. Verbal and visuospatial working memory tasks were administered to sixth-grade students living in low-income rural, low-income urban, high-income rural, and high-income urban developmental contexts. Both low-income rural and low-income urban children showed working memory deficits compared with their high-income counterparts, but their deficits were distinct. Low-income urban children exhibited symmetrical verbal and visuospatial working memory deficits compared with their high-income urban counterparts. Meanwhile, low-income rural children exhibited asymmetrical deficits when compared with their high-income rural counterparts, with more extreme visuospatial working memory deficits than verbal working memory deficits. These results suggest that different types of poverty are associated with different working memory abilities.





Mooi: kijken als een kind naar een persoon met meervoudige handicap

16 01 2015

Via Kids en Jongeren ontdekte ik deze video:

De Noemi-stichting wil de manier waarop de maatschappij kijkt naar mensen met een meervoudige handicap te veranderen, om hun dagelijks leven te verbeteren.  Lang niet altijd wordt de waardigheid van deze groep gerespecteerd. Het experiment in onderstaande video maakt dat duidelijk. Ouders en hun kinderen werden uitgenodigd voor een sessie gekke bekken trekken. Iets dat waarschijnlijk toch al ongebruikelijk is als je volwassen bent, maar bij bepaalde voorbeelden wordt dat gevoel nog wat versterkt.





Persbericht van de Ambrassade: Jeugdinfotheek in een nieuw jasje!

15 01 2015

“Beste Pedro, wil je dit bericht delen met de lezers van je blog?” Welaan dan:

Jeugdinfotheek.be, dé referentie voor jeugdinformatie, heeft deze winter een nieuw jasje gekregen. Jeugdinfotheek.be kreeg een nieuw logo, een aangepaste look & feel en een aantal verbeterde functionaliteiten. Deze website bundelt informatie op maat van kinderen en jongeren en kennis over jeugdinformatie.

Jeugdinfotheek.be is een online database met informatieproducten op maat van kinderen en jongeren, over tal van thema’s die kinderen en jongeren aanbelangen. Informatie over liefde en seksualiteit, werken, wonen, geld, leren, familie & vrienden zijn slechts enkele thema’s die aan bod komen. Naast een overzicht in het aanbod aan infofolders, informatieve websites, spelen, affiches,… vind je er ook onderzoeken en artikels over jeugdinformatie. Tot slot geeft deze website een overzicht van alle organisaties die zich bezig houden met het informeren van kinderen en jongeren.

Jeugdinfotheek.be richt zich naar iedereen die te maken krijgt met kinderen en jongeren en hen op een goede manier wil informeren over thema’s die hen aanbelangen. Het is een handige tool voor JAC-medewerkers, jeugd(welzijns)werkers, jeugdconsulenten, leerkrachten of CLB-medewerkers om op zoek te gaan naar relevant materiaal op maat van kinderen en jongeren. Jeugdinfotheek.be wordt samen met verschillende organisaties up-to-date gehouden en wil stelselmatig uitgroeien tot dé verzamelplaats van alle correcte en relevante informatie op maat van kinderen en jongeren. Door een overzicht in het bestaande jeugdinformatieaanbod te scheppen wil Jeugdinfotheek.be overlap vermijden en complementariteit, samenwerking en inspiratie stimuleren.

Sommige producten en organisaties op de website zijn gelabeld met de uil Trusty. Trusty is een kwaliteitsindicatie voor digitale en fysieke informatieproducten op maat van kinderen en jongeren.  Organisaties die het label uitdragen engageren zich om informatieproducten te maken die aan een aantal kwaliteitsprincipes voldoen.

Benieuwd? Neem dan snel een kijkje op www.jeugdinfotheek.be.

Jeugdinfotheek.be is een initiatief van De Ambrassade, die hiermee de positie van jeugdinformatie en het jeugdinformatienetwerk wil versterken.

Maakt jouw organisatie ook informatieve content voor kinderen en jongeren? Vraag dan een login aan door een mailtje te sturen naar sofie.iserbyt@ambrassade.be.





Belangrijk voor jongeren in de toekomst: familie, globalisme, geluk en hoop

15 01 2015

VIMN deed onderzoek naar hoe jongeren keken naar de nabije toekomst en bevroeg 6200 jongeren online en combineerde dit met 72 diepte-interviews. (bron)

Hoe kijken ze naar de wereld?

They have a keen interest in other cultures and global issues. Nearly 9 out of 10 Millennials describe themselves as curious about the world. They see the world as one and want to learn more about other countries. International borders place no limits on their friendships, attitudes, or the content they consume. This gives them a global perspective on nearly everything they touch. And when it comes to the future, they truly see the whole world as their opportunity.

Being part of a loving family is a key definition of success. When asked what they believe to be the top signs of success, 55% answered “being part of a loving family.” Familial closeness outranked being rich, having an enjoyable job, doing well in school, having children, and even being famous. Friends and family are so important to them because they are a source of comfort and direction in a confusing world. One thing that’s different about the Millennial generation is that relationships are no longer restricted by location. Technological advances like social media and Skype allow those with loved ones abroad to remain in close contact.

Happiness outranks achievement as a measure of success. Nearly 3 out of 4 young people define success as “being happy.” They want to enjoy what they do, whatever that may be. Making a lot of money is a plus, but it’s not the most important thing in life. This is a key difference from their parents’ generation – they put emotional well-being ahead of financial success. Instead of taking a linear career path that allows people to enjoy themselves after retiring, they want to take pleasure in the journey.

They are very happy, despite troubled economies and job market anxieties. More than 7 in 10 describe themselves as “very happy,” illustrating their optimistic view of the future. They do feel they live in confusing times, yet they look forward to more positive circumstances down the line. More than this, they take a proactive approach to “getting on with things” to ensure that they have the best future possible.

They believe their generation can make the world a better place – but they’re unsure of how to participate as individuals. More than 8 in 10 young people feel their generation has the potential to change the world for the better. They see the need for change and believe that Millennials can take responsibility for making it happen. However, the specific role they see themselves playing in this change is not yet clear. It’s more a collective responsibility than an individual one, and they have to hope that everyone will do their part to bring forth the positive change that will improve the world.





Wat tieners fout denken over drankgebruik,… van populaire tieners voorspeller van eigen gedrag

14 01 2015

Misschien herken je het wel uit je eigen jeugd? De andere tieners leken steeds meer mee te maken en te doen dan jij? Tenminste, dat dacht je misschien, maar volgens nieuw Amerikaans onderzoek onder leiding van Sarah W. Helms blijken tieners fout in te schatten in welke mate leeftijdsgenoten ‘risky’ gedrag vertonen, dit ging van winkeldiefstal, over roken tot het hebben van meerdere sekspartners. Vooral het gedrag van de coole kinderen werd overschat door de andere respondenten, zelfs ook door de mede-cole tieners.

In een tweede onderzoek gingen de onderzoekers nog een stapje verder door te kijken naar het effect op langere termijn door de tieners over een periode van 2 jaar regelmatig te bevragen. En wat blijkt? Het beeld dat de respondenten van andere tieners hadden, bleek een significante voorspeller te zijn voor de eigen toename van middelengebruik van de bevraagde adolescenten. Vrij vertaald: hoe meer de tieners dachten dat populaire kinderen roken, drinken of ander risky gedrag, hoe groter de kans dat de adolescenten dit gedrag zelf zullen stellen.

Abstract van het onderzoek:

Most peer influence research examines socialization between adolescents and their best friends. Yet, adolescents also are influenced by popular peers, perhaps due to misperceptions of social norms. This research examined the extent to which out-group and in-group adolescents misperceive the frequencies of peers’ deviant, health risk, and adaptive behaviors in different reputation-based peer crowds (Study 1) and the prospective associations between perceptions of high-status peers’ and adolescents’ own substance use over 2.5 years (Study 2). Study 1 examined 235 adolescents’ reported deviant (vandalism, theft), health risk (substance use, sexual risk), and adaptive (exercise, studying) behavior, and their perceptions of jocks’, populars’, burnouts’, and brains’ engagement in the same behaviors. Peer nominations identified adolescents in each peer crowd. Jocks and populars were rated as higher status than brains and burnouts. Results indicated that peer crowd stereotypes are caricatures. Misperceptions of high-status crowds were dramatic, but for many behaviors, no differences between populars’/jocks’ and others’ actual reported behaviors were revealed. Study 2 assessed 166 adolescents’ substance use and their perceptions of popular peers’ (i.e., peers high in peer perceived popularity) substance use. Parallel process latent growth analyses revealed that higher perceptions of popular peers’ substance use in Grade 9 (intercept) significantly predicted steeper increases in adolescents’ own substance use from Grade 9 to 11 (slope). Results from both studies, utilizing different methods, offer evidence to suggest that adolescents misperceive high-status peers’ risk behaviors, and these misperceptions may predict adolescents’ own risk behavior engagement.








Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 7.032 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: