Niemand klikt op je twitter-linkjes (Linda Duits)

18 02 2015

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

bedroefde tweetbirdVroeger was Twitter vooral een babbelbox. Het was een gezellige boel en ‘s avonds laat werd het nog gezelliger als sommige mensen wat gedronken hadden en nog vrijer hun gedachtespinsels deden. Twitter groeide, er kwamen steeds meer journalisten en celebrities, en er kwamen gedragsregels. Net als andere sociale netwerken werd Twitter steeds meer gezien als een manier om inhoud te delen – om te linken naar plekken elders. Het werd een plek voor traffic. Maar werkt dat eigenlijk wel?

Mensen zijn soms jaloers op mijn redelijk hoge aantal volgers en denken daardoor dat ik ook veel verkeer weet te generen, bijvoorbeeld naar dit blog. Ik weet zelf wel beter: het aantal mensen dat hier komt is een uiterst klein deel van mijn volgers. Dat komt onder andere omdat niet iedereen constant zijn feed leest. Daarom is het verstandig om een belangrijke link meermaals te twitteren. ‘Voor de avondploeg’ zie je dan soms staan. Daarnaast is niet iedereen geïnteresseerd in mijn schrijfsels; sommige mensen volgen me alleen voor de StarWars-plaatjes.

Gisteren verscheen er op The Atlantic een stuk waarin redacteur Derek Thompson zijn eigen kliksucces analyseert. Thompson heeft zo’n 27.600 volgers. Een recente tweet van hem met een link naar een van zijn artikelen had 155.260 impressies gegenereerd – het was meer dan duizend keer geretweet. Toch viel het bereik tegen. Slechts één procent van al die mensen die zijn tweet zagen, klikte op het linkje. Thompson was zwaar teleurgesteld. Hij overpeinst:

Is the social web just a matrix of empty shares, of hollow generosity? As Chartbeat CEO Tony Haile once said (on Twitter), there is “effectively no correlation between social shares and people actually reading.”> People read without sharing, but just as often, perhaps, they share without reading.

Thompson moppert dat de tweets die hij verstuurt vooral ten voordele van Twitter komen. Dat is nogal overdreven: ook als je volgers niet op je linkjes klikken, nemen ze kennis van alle geweldige dingen die je doet. Zijn boodschap is evenwel belangrijk voor de mensen die Twitter instrumenteel benaderen: je komt dan bedrogen uit. Om het nog erger te maken: Medium geeft je naast het aantal views van je artikel ook het percentage mensen dat het heeft gelezen. Bij mijn eerste en vooralsnog enige stuk ging dat om 39 procent.

Uiteraard ben ik zelf ook even gaan neuzen in mijn analytics (u kunt uw eigen hier bekijken). Gelukkig heb ik soms tweets waarop wel vijf procent van de mensen die de tweet ziet, klikt. Daar zit misschien een lesje in voor Thompson: uiteindelijk draait het om de kwaliteit van je volgers.

Noot: overigens doet Twitter het nog altijd beter dan Facebook. Zie wat we daar eerder over schreven





“We wilden vliegende auto’s maar kregen 140 tekens”, of “disruption interrupted”

15 02 2015

Deze quote gaat terug op Peter Thiel, van Paypal, en krijgt wat voeding door een nieuw rapport over productiviteit. Waar volgens het rapport van de Federal Reserve bank de productiviteit door nieuwe technologieën toenam in de VS in de jaren negentig en de eerste jaren van het nieuwe millennium, is dit nu nog nauwelijks het geval.

Meer nog, er lijken eerder technologieën te zijn ontstaan die de productiviteit verminderen (denk aan Facebook of Netflix als ze het nieuwe House of Cards-seizoen online plaatsen al dan niet per ongeluk).

Ben Walsh vraagt zich in The Huftington Post af of we niet beter spreken van “disruption interrupted”, want opvallend: zelfs in de tech-sector zelf neemt de productiviteit niet meer toe, net daar is de vertraging het opvallendst.

Dit past mooi in het verhaal dat ik schreef over een technopauze voor het Wijs-trendrapport of de lezing die ik gaf voor de Onderwijsdagen.





Duidelijke quote over onderwijsmensen en onderwijsvernieuwers van buitenaf

11 02 2015

Via de blog van Larry Ferlazzo ontdekte ik dit artikel over en deze quote van Chancellor Carmen Fariña.

De quote is misschien sterk geformuleerd en het valt hier beter mee dan vaak in de VS, maar tegelijk is er voor mij wel degelijk iets voor te zeggen:





Commentaar: de laatste vrije speelruimte

5 02 2015

Het klinkt misschien wat dramatisch, maar sociale media is volgens onder andere danah boyd in haar boek ‘It’s Complicated’, de laatste plaats waar tieners elkaar kunnen ontmoeten zonder controle. Ze ziet het gebruik van sociale media niet als een probleem, maar als een symptoom van een ander probleem.

Sta er even bij stil. Vandaag worden kinderen en tieners steeds dichterbij gehouden. Tegelijk verdwijnen plaatsen waar ze samen kunnen zijn of verdwijnt de tijd om samen te zijn door een overvolle agenda. En zeker goedbedoeld, gedragen we ons steeds vaker als helikopter-ouders. Elke dag zie ik in de zoektermen van deze blog varianten opduiken over hoe je je kind online kan volgen of zelfs hoe je het mailadres van je kind kan hacken.

Ik moest hier aan denken toen eergisteren een discussie losbarstte of scholen alle Facebookprofielen van hun leerlingen zouden moeten screenen en gisteren gevraagd werd of je als ouder wel weet wat je kind online doet. Erger nog, 1 op 5 van de kinderen zou een geheim emailadres hebben.

Het is een moeilijk evenwicht. Als kinderen andere volwassenen ontmoeten zonder dat de ouders hiervan op de hoogte zijn, dan snap ik de ongerustheid. Als 2 tieners sympathie-berichten voor IS posten op Facebook, snap ik dat een school hierop reageert als iemand de school er op attent maakt.

Maar tegelijk is ook sociale media een plaats geworden voor onder andere experimenteren met rollen. Uitproberen van meningen. Ontdekken van nieuwe mogelijkheden. Het is belangrijk dat we kinderen en tieners die kansen tot experimenteren online (maar graag ook weer meer offline) moeten blijven bieden en ingrijpen wanneer bepaalde experimenten tot blijvende gevolgen zouden kunnen leiden. Deze evenwichtsoefening is moeilijk, maar we moeten ze wel maken, denk ik imho.





Rise against the people behind the machine, een kijk op Tegenlicht over Silicon Valley

28 01 2015

De voorbije dagen heb ik lopen piekeren over de Cybertopia-documentaire van Tegenlicht (die je hier kan bekijken). Piekeren is misschien niet het juiste woord, eerder nadenken over het komt dat ik zo veel degout voelde. In de documentaire komen oa Peter Thiel (van Paypal), Tim Draper, wijlen Steve Jobs,… aan het woord en ze geven hun visie op de maatschappij.

Deze koningen en keizers van Silicon Valley leven bij het gebod van de disruptie. Draper formuleert het duidelijk: hij kijkt naar huidige ‘businesses’ die vermolmd en bureaucratisch zijn om vervolgens veel geld te investeren in startups die de achterhaalde benaderingen omver kunnen gooien.

De voorbeelden van die verschillende businesses die hij noemt zijn naast de banksector (denk bitcoin) ook gezondheidszorg, overheid en onderwijs. Je zou deze ook pijlers van een samenleving kunnen noemen.

Het marktdenken in onderwijs en gezondheidszorg bestaat al langer, maar de stelling in de dromen van de Silicon Valley is dat je ooit ook een vergelijkende test kan doen van overheden en in plaats van verkiezingen verhuis je al dan niet virtueel naar een land met een overheid die je beter bevalt. Depardieu was op die manier een trendsetter. En Estland lijkt een prima bestemming.

Het is een uiting van een uber-kapitalisme (pun intended) waarbij het individu en het collectieve volgens de durfkapitalisten samen kan komen.

Behalve… dat je er niet voor kan kiezen. Zij bepalen dat het zo zal zijn. Zij zorgen voor de technologische revolutie en de rest van de wereld moet maar volgen of op het vasteland blijven terwijl de rest op nieuwe steden op booreilanden woont in de oceaan.

Voor hen zijn alle overheden kapot en achterhaald. En opvallend: wie niet voor technologie is, is tegen of zelfs des duivels. Op dat moment in de documentaire vroeg ik me af hoeveel historisch besef de denkers in Silicon Valley hebben. Hoorde ik iemand het ook over uber-people hebben? Moet ik fout gehoord hebben.

En vooral: wie denken ze wel dat ze zijn. Het is bijna een middeleeuwse despotisme dat diegene die geld heeft bepaalt hoe de wereld er moet en zal uitzien. De voorbije jaren hebben we het effect hiervan gezien door de bemoeienissen van Bill Gates in onderwijs en zorg waarbij hij recent moest toegeven dat het niet echt gelukt is. Tegelijkertijd blijft de man ideeën spuien en met veel geld ook invoeren. Maar niemand verkoos ooit Gates als minister van onderwijs. Ah, maar oja, democratie is zo achterhaald en ook hier is disruptie zo nodig.

Ik ben niet zo anti als Morozov die inhakt op deze ideologie van Silicon Valley, maar ik hoop stilaan op wat compensatie voor de hybris in die kleine plek in Californië. Hoogmoed komt namelijk voor de val en de kans dat er niet enkel een economische bubbel ontploft maar ook een ideologische bubbel lijkt me niet ondenkbaar. En dus, nee ik heb geen schrik voor technologie, maar verschillende mensen achter die technologie maken me wel bang.





Rapport over efficiëntie in Nederlands onderwijs, lees ook dit

26 01 2015

Via Ronald Buitelaar (@ronaldbuitelaar) dit nieuw CBS-rapport gevonden dat net werd gepubliceerd over hoe efficiënt het Nederlandse onderwijs is.

Ronald haalde er deze opvallende passage terecht uit:

Kloppen deze conclusies? Wel het fenomeen van de vele bijlessen in de (Oosterse) topregio’s kwamen hier al vaker aan bod.  Maar er zit 1 grote adder in het rapport: ze nemen enkel PISA-resultaten als output, en dat is behoorlijk problematisch. Pisa heeft zeker waarde, maar als enkele output, nee dat is volgens mij gewoon fout. Oja, als je moet kiezen tussen meer tijd in de klas of meer tijd voor professionalisering en teamwerk, check dit onderzoek.

En oja, misschien de belangrijkste vraag: hoe efficiënt moet onderwijs zijn?





Donald Clark wil geen lid meer zijn van de Finland-fanclub

25 01 2015

Donald Clark heeft zijn eigen stijl en kan soms hard zijn in zijn stellingen over onderwijs. Zijn meest recente post gaat over Finland en hoe onderwijsministers wereldwijd naar het land keken als het nec plus ultra omdat het hoog scoort (of beter scoorde) op PISA. Pasi Sahlberg schreef Finnish Lessons en spreekt nog steeds wereldwijd over het Finse fenomeen, maar ondertussen scoort Finland al lang niet meer zo hoog.

Clark geeft een makkelijke manier om hoog te scoren op PISA:

“There’s a clue in the recent maths league table on how to get success – be a small, racially homogeneous country that speaks only one language. Shanghai, Singapore, Hong Kong, Taipei, Korea, Macao, Lichtenstein all feature in the Top Ten.”

Hij vergeet even voor alle gemak dat Zwitserland en Vlaanderen hier dan een zeer grote uitzondering zijn (misschien zouden we dan dus nog beter kunnen scoren door enkel nog Nederlands aan te leren? Grapje!). Maar hij gebruikt vooral deze stelling om duidelijk te maken dat enkel naar PISA kijken geen goed idee is en dat je tenminste ook naar grafieken zoals deze moet kijken (waarbij Finland wel heel erg slecht scoort), check hier ook voor Vlaanderen:

Maar wil Clark nu zeggen dat het Finse onderwijs slecht is? Nee, wel wil hij duidelijk maken dat blind naar PISA staren niet het zelfde is als denken dat je evidence based aan het werk bent. Ook het Finse onderwijs kan nog steeds een bron van inspiratie zijn, maar check dan toch ook maar meer bronnen dan enkel de cijfers van de OESO. De topman van PISA pleitte deze week zelf nog voor meer effectmeting bij onderwijshervormingen.

Ben ik zelf tegen PISA en de OESO? Nee, maar ik volg Clark zeker in zijn pleidooi om ruimer te kijken. Wil je meer bronnen om landen te vergelijken, check dit overzicht.





Kunnen avontuurlijke jeugdfilms zoals The Goonies nu niet meer?

23 01 2015

De voorbije weken heb ik mijn oudste zoon een paar films uit mijn eigen jeugd leren kennen. We begonnen met The Back To The Future trilogie, daarna de 2 Ghostbusters-films. De tweede Ghostbusters was wel echt griezelig vond hij, maar hij organiseert ondertussen screenings van de Back To The Future-films voor zijn vriendjes.

Ik vroeg vervolgens op Twitter welke film ik hierna zou bekijken met Clement. Ik kreeg veel tips, voor sommige is hij echt nog te jong, bvb Indiana Jones, maar films als E.T. of The Goonies moeten zeker kunnen.

Vandaag lees ik op IO9.com een opvallende post net over films zoals The Goonies (of bijvoorbeeld ook Stand by Me). Die kunnen vandaag niet meer. Niet dat er een grote lobby-organisatie het verbiedt, maar de wereld is zo veranderd dat het niet meer kan? Het wordt namelijk meer en meer ondenkbaar dat kinderen alleen of in groep op avontuur zouden gaan.

Lees even mee:

SamTheSpaceman

Movies like the Goonies (or ET, or the Explorers) are no longer possible, because movies like that rely on the exploration of the world of children that is separate from the world of adults, and that world no longer exists. Kids don’t go out to build forts in places their parents don’t know about, or learn all the best short cuts to the candy store on their bikes. They don’t walk home alone to and from school. All play is regulated, either for the sake of safety or the desire of parents to participate in childhood. Kids are raised to be risk averse.

And while teenagers certainly have more independence, the truth is that most people shed the sense of magic inhabiting the world, the feeling that there really could be a dragon behind that rock. The tale of the young lovers making out at the hangout spot is safe for now, though even teenagers are way lamer than they used to be.

But the story of the neighborhood children saving the town is dead, and will remain so as long as parents insist on their kids being in sight at all times. The glaring exception here is one of class – poor kids go more unsupervised. But these days Hollywood only makes popular movies about well to do sheltered kids with perfectly clean kitchens.

Jarod Forest

I otherwise agree with you, except that I would argue that it’s not as much a case of the kids being too sheltered – at least where I live – as it is of kids now spending all their time in front of their tablets/phones/playstations/whatever. There’s no need to search for adventures outside when you can find limitless entertainment without leaving your room.

SamTheSpaceman

That’s true, but before we had mobile devices we had video game consoles and PC computers that you can’t take outside with you. But if I wanted to go play Mortal Combat – which my otherwise overprotective mom said no to – I would walk to my friends house. The only one supervising that walk was my cat who would follow me around the neighborhood (no joke.) And if a third kid had a game or gizmo neither of us had, we would then simply walk to that third house.

SamTheSpaceman heeft volgens mij wel degelijk een punt: we zijn steeds meer onze kinderen gaan beschermen zelfs in landen die Dutroux niet hebben meegemaakt. Op televisie zie ik mijn kinderen wel nog steeds naar series als de Peperbollen kijken, die duidelijk hun mosterd bij dergelijke films gehaald hebben, maar wat denken jullie? Zijn films als The Goonies niet meer mogelijk om deze reden?

P.S.: best wel grappig, als je naar Lego Ideas surft, zie je hoe verschillende van de films die ik in dit stukje vermeld, een nieuw leven krijgen in de bekende bouwsteentjes.





Ouders sparen om hun kinderen te laten studeren in Nederland (infografiek)

21 01 2015

Gisteravond keurde in Nederland de eerste kamer de afschaffing van de basisbeurs goed en wordt vanaf studiejaar 2015-16 overgeschakeld op een sociaal leenstelsel.

Het ontlokte Rik Torfs de volgende tweet:

Zelf ben ik een koele minaar van leenstelsels, zelfs als ze sociaal gecorrigeerd zijn zoals men nu wil invoeren in Nederland, omdat het 2 hypotheken kan leggen: een hypotheek op de werknemer maar ook een hypotheek op een samenleving. In de Verenigde Staten is het bedrag aan openstaande schuld voor studeren ondertussen tot gigantische proporties gegroeid.

Door het sociaal systeem waarbij je maximum 4% van je loon moet afbetalen voor je studielening kan dit beteken dat of je heel lang zal moeten betalen of dat iemand anders (de overheid?) de lasten draagt.

Youp plaatste als reactie dit lied van hem uit 1983 (!) met als droge commentaar: “Ik wens de studenten succes en plezier!”

Ondertussen vond ik deze infografiek via Kids en Jongeren van een bank die slim inspeelt op dit nieuws.





Cameron is tenminste eerlijk: hij wil alles wat je schrijft en deelt kunnen meelezen

13 01 2015

Cameron staat voor herverkiezing en stelt onder andere dat hij apps als Snapchat of Whatsapp wil verbieden als ze hun data niet openzetten voor geheime diensten om mee te kunnen lezen. Vergelijk het met de post die alle brieven opent die je verstuurt, er een kopietje van maakt en naar de overheid stuurt vooraleer je brief door te sturen. Of alle telefoongesprekken die meebeluisterd worden in plaats van een telefoontap die moet aangevraagd worden.

Cameron grijpt de aanslagen in Parijs aan om dit stukje privacy weg te nemen.

Nog niet heel lang geleden was de hele wereld geschokt door de onthullingen van Edward Snowden die onthulde dat de Amerikaanse overheid net dit al deed met veel van ons elektronisch dataverkeer. Jaren daarvoor hadden we het verontwaardigd over Echelon. Ondertussen wordt al een tijdje het echte anonieme online netwerk, het tor-netwerk, bestookt. Dit terwijl Europa tegelijk nog steeds verder werkt aan regelgeving rond het recht op vergeten.

Ik vind het straf dat iets waar we massaal over verontwaardigd waren in 2013 nu in 2015 kan gebruikt worden als middel voor herverkiezing. Cameron misbruikt volgens mij het onveiligheidsgevoel voor nog meer controle. Tegelijk bleek de controle die vandaag al bestaat, onder andere door weinig communicatie tussen de verschillende landen, niet de aanslagen te voorkomen.

Misschien is een benadering zoals deze bij telefoontaps meer aangewezen? Bij vermoedens kan informatie bekeken worden, als tenminste een rechter heeft geoordeeld over de al dan niet aanwezige noodzaak?








Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 7.053 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: