Misschien is 1 september 2019 toch een beter idee?

De kogel is door de kerk, de onderwijshervorming is een feit en de datum van ingaan werd op de persconferentie nog bevestigd door minister Crevits: 1 september 2018. Politiek is dit heel goed te begrijpen, los van verkiezingsdata toont het daadkracht, enz.

Maar toch zijn er ook twee argumenten om het een jaar trager te doen die ik wil meegeven als food for thought, niet meer, niet minder:

  • Een van de meest opvallende uitspraken tijdens de persconferentie was dat de eindtermen slechts een update zouden krijgen. Dit lijkt me nogal haaks te staan op de hele bevraging en campagne. In de tweede helft van het vorige jaar heeft het parlement de discussie over de uitgangspunten van de nieuwe eindtermen naar zich toe getrokken en dit kost natuurlijk tijd. Ik hoorde links en rechts nu wel dat het kabinet de eindtermen weer meer naar zich toegetrokken heeft, wellicht om sneller te kunnen gaan. Misschien is de uitspraak over ‘update’ wel in die zin te begrijpen. Persoonlijk zou ik het nog meer jammer vinden dat de eindtermen niet ingrijpend aangepast worden dan de teleurstelling die je nu bij veel mensen ziet rond de onderwijshervorming. Zoals ik al vaker schreef: ik denk dat deze meer impact hebben dan structuurveranderingen. De minister gaf trouwens ook aan dat de eindtermen pas klaar moeten zijn voor het eerste jaar, ik vermoed dat ze eerste graad bedoelde. Maar met het belang van leerlijnen indachtig, hoop ik dat de grote lijnen voor de zes jaar er ook van in het begin zullen zijn. En dan heb ik nog niets gezegd over de eindtermen in het basisonderwijs?
  • Scholen zullen moeten kiezen in hoever ze gaan in de onderwijshervorming (ik schrijf bewust scholen, maar het kunnen ook andere krachten zijn.) Het is natuurlijk altijd zo dat door de enorme vrijheid die scholen krijgen dat ze zelf kunnen kiezen om later te beginnen met andere benaderingen dan vandaag. Maar: als je weinig tijd hebt om alles voor te bereiden als school (terug, koepels kunnen vaak verder zitten), dan zal je misschien eerder geneigd zijn om zo weinig mogelijk te veranderen, zeker nu de incentives voor verandering zeer beperkt lijken. Een tip dus voor de voorstanders van vergaande hervormingen, pleit voor tijd.

Er zijn natuurlijk ook redenen te bedenken, naast politieke, om wel snel te gaan. Het betekent bijvoorbeeld hopelijk een jaar eerder betere ondersteuning voor de B-stroom. Ik hoop zo ook dat de drieslag verdiepen, verkennen, versterken effectief een verbetering van het eerste jaar van de eerste graad zal betekenen, maar terug: de ontwikkeling van de tools om leerkrachten in basis- en secundair onderwijs om kinderen hier goed in bij te staan vergt de nodige tijd.

De onderwijshervorming: het is voorbij en toch ook niet

De onderwijshervorming van het secundair onderwijs is er, met als voorgestelde naam ‘het witte vrijdag-akkoord’. De komende dagen en weken zal er veel over gepraat worden in het parlement, in de media,… Maar laten we even verder kijken.

Enerzijds betekent dit akkoord dat het voorbij is: het plan Monard uit 2009 is niet meer. Nu, dat plan was al heel erg verwaterd in het compromis dat het masterplan was en in de bevestiging eerder door deze regering. De brede eerste graad is er niet meer bij, zeker niet nu er een duidelijke basisoptie moet gekozen worden in het tweede jaar van die zelfde eerste graad. Dit is slecht nieuws voor de volgende ministers van onderwijs die dit idee wel genegen zijn, want een nieuwe hervorming terwijl de vorige nog aan het uitrollen is, ligt zelden goed. Idem met de afschaffing van ASO, TSO, BSO en KSO.

Anderzijds betekent dit akkoord dat het nog niet voorbij is. De scholen krijgen in dit akkoord heel veel vrijheid, wat ook al in het Masterplan zat. Maar de vraag is wie die vrijheid zal nemen. Zullen scholen dit zelf doen, of zullen de koepels en netten hun scholen oproepen toch veel verder gaan en dichter aansluiten bij wat in het oorspronkelijke plan zat? Ik hoorde zonet op Radio 1 Caroline Gennez al een oproep doen die hiermee ongeveer overeenkwam, en je kan ook zoiets lezen in de eerste reactie van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. Wellicht heeft het gemeenschapsonderwijs als net het hier makkelijker dan de Guimardstraat, maar dit alles is iets wat de toekomst zal moeten uitwijzen. En dan is er nog het provinciaal onderwijs dat traditioneel sterk staat met technische en het onderwijs van steden en gemeenten. Door de vrijheid die het akkoord laat, zijn de methodescholen wellicht niet ontevreden.

Het is ook te zien hoe in deze regering en de partijen aan de macht in de komende regeringen staan tegenover deze overkoepelende organisaties. Het is een publiek geheim dat dit van partij tot partij nogal kan verschillen.

Ja, er is dus een akkoord, maar het verhaal is nog lang niet ten einde.

Belangrijk onderwijsnieuws vandaag in de krant: lerarentekort en timing hervorming

Twee belangrijke onderwijsberichten vandaag in de krant.

Ten eerste zijn er leerkrachten op overschot én er zijn leraren tekort. En zelfs een pak tekort. Een cruciaal woord om dit te begrijpen is het woord mismatch: leraren Frans, Wiskunde,… zijn zeldzamer aan het worden dan een witte olifant, maar van andere vakken zijn er veel leraren. Maar in het artikel staat slechts 1 zinnetje dat een andere belangrijke reden aanhaalt: de regionale verschillen zijn enorm. Het is de vraag die ik vaak herhaal als ik leerkrachten hoor die geen werk vinden: wil je verhuizen… Alle begrip voor wie dit laatste moeilijk is, ik sprak de laatste jaren verschillende jonge leerkrachten die in Brussel les geven, maar voor wie het pendelen in combinatie met zeer onregelmatige uren (zie ook avondvergaderingen) niet evident zou zijn als er een gezin kwam. Maar het maakt er de uitdaging niet kleiner op voor vooral de grote steden.

Maar het grote onderwijsnieuws zijn wellicht de donkere wolken over de planning van de hervormingen. Eerder De Tijd en vandaag De Morgen geven aan dat het eerst en vooral een cruciale week is voor minister Hilde Crevits. Er is nog steeds geen akkoord over de matrix en de verdere hervormingen van het secundair onderwijs. De koepels en netten gaven al in december aan dat de tijd dringt. Minister Crevits schuift – nog steeds – 1 september 2018 naar voor, maar dat is in onderwijstermen bekeken overmorgen. Persoonlijk denk ik dat de grootste uitdaging niet zozeer het politieke akkoord is, maar wel de broodnodige koppeling van 2 dossiers. Je hebt enerzijds de hervorming zelf, maar je hebt ook de vernieuwing van de eindtermen. Het is onmogelijk of toch zeker niet opportuun om deze twee dossiers los te koppelen. Stel je voor dat je de nieuwe eindtermen pas invoert 2-3 jaar na de hervorming van de structuren, 2 vernieuwingen op korte termijn, maar vooral: welke inhouden en doelen koppel je aan nieuwe vakken, richtingen, enz. Temeer omdat men ook op basis van het masterplan wil focussen op bijvoorbeeld basisgeletterdheid – iets waarover ik trouwens een consensus zie over de partijgrenzen heen – maar dat laatste is per definitie een currriculumdiscussie.

Dat het Vlaamse parlement het eindtermendebat naar zich heeft toegetrokken is op zich een positieve zaak: het belangt de hele samenleving aan, maar dit komt ook met een prijs. De molens van de wetgevende macht (in dit geval decreten) malen soms zeer traag, zeker bij belangrijke dossiers. Zelfs als men vandaag, deze week, deze maand, een beslissing zou krijgen over de uitgangspunten van de eindtermen, dan nog moeten de eindtermen zelf nog opgesteld worden én ik kan me niet inbeelden dat dan de VLOR en het parlement niet nog eens hun zegje zullen willen doen over de concrete basisdoelen, eindtermen én uitbreidingsdoelen eens die er zijn. Wellicht is er al links en rechts voorbereidend werk gebeurd, maar dan nog kan en zal dit belangrijke – en lees lange – discussies opwerpen. En daarna moet de vertaalslag gebeuren naar het concrete onderwijs, leerplannen eventueel, handboeken, methodes,… En oja, de eindtermendiscussie ging over het hele leerplichtonderwijs, ook het primair onderwijs. Dat laatste ziet wel al concrete veranderingen, zoals de mogelijke vervroeging van vreemde talen. Het is een belangrijke vraag trouwens voor bijvoorbeeld de taalvakken in het secundair onderwijs, hoe deze hier zullen bij aansluiten en hoe men in de klas met de diversiteit aan taalniveaus zal omgaan.

Gisteren kreeg ik een mail met de vraag of ik niet meer op tafel wil kloppen over de werkdruk van leerkrachten. Ook dat is gelinkt aan een dossier dat vandaag nog steeds op tafel ligt, namelijk het loopbanenpact. Als je het over werkdruk hebt, beginnen scholen ook al snel over het M-decreet dat een evaluatie moet en zal krijgen. Er is verder nog de administratie schaalvergroting waar vooral Lieven Boeven zijn lot aan lijkt verbonden te hebben en die ook gelinkt wordt aan de lerarenloopbaan, aan het M-decreet, enz. Bij de hervorming van het secundair hoort verder ook een aangepaste lerarenopleiding. Die laatste kent wel al belangrijke verschuivingen, maar zal wellicht ook meer of minder ingrijpend moeten veranderen als het leerplichtonderwijs verandert. En zo zijn we weer bij af. Het zijn enorm veel grote dossiers, veel ‘als’-en. En ondertussen… ondertussen komen de volgende verkiezingen steeds dichterbij.

Onderwijs kan de wereld redden, ja, maar…

Deze ochtend deelde ik een mooi stuk dat vandaag verscheen in NRC:

En zeker na de voorbije week onderschrijf ik dit meer dan ooit, maar al snel nadat ik deze tweet verstuurde, begon het te knagen. Eerst en vooral heeft wetenschap – zoals de auteurs ook aangeven – nog zelf veel werk voor de boeg (zie oa het overzicht over replicatie dat ik gisteren meegaf).

Maar er is meer. Het is fout te denken dat hoger en beter opgeleid zijn automatisch betekent dat mensen minder vatbaar zijn voor onzin of fake news. Het is even fout te denken dat populistische boodschappen enkel door laagopgeleiden gedeeld worden.

Maar ook buiten de politieke discussies is het niet zo eenvoudig. De vaccinatie-tegenstanders zijn vaak hoger opgeleidde volgers van Green Happiness volgens mij vaak ook. Aanhangers van unschooling zijn vaak mensen die ver in het leven gekomen zijn door… scholing.

Het is eenvoudig: ook hoogopgeleide mensen zijn perfect in staat zaken te negeren die hen niet bevallen.

Wat niet eenvoudig is: dit oplossen…

Ik ging ook naar school, maar het was geen Guantanamo Bay

De voorbije dagen kreeg ik via verschillende kanalen het Bloovi-interview met Peter Hinssen toegestuurd. De zelfverklaarde “Thought Leader on Game Changing Transformation” beschrijft daarin zijn visie op onderwijs. Het verhaal is niet nieuw voor me, Peter en ik spraken elkaar al een paar keer. Maar straffe woorden doen het goed, dus nu is er een nieuwe metafoor: het hedendaagse onderwijs is het Guantanamo Bay voor tieners.

Lees verder

2016-2017

Het was nogal een jaar. Muzikaal genoten van onder andere een prachtig David Gilmour-concert en gehuild bij het grote verlies van Cohen, Bowie, Sharon Jones,… Er waren de aanslagen en oorlogen, tegelijk waren er ook de blijken van menselijkheid en solidariteit.

Het was voor mij een jaar met een vertaling van een boek, een vernieuwd boek, een plaat en een wereldtournee (laatste met een knipoog, maar toch, ik sprak oa in Zweden, Washington, Londen, Leeds, …) en op de valreep een prijs voor het werk dat ik samen doe met Paul en Casper. Het was ook een jaar waarin ik extra veel energie stak in mijn lessen. Vorig jaar had ik namelijk gemerkt dat er wat sleet kwam op 1 van mijn vakken. Het was (nog) niet problematisch, maar er sloop te veel routine in. Het voorbije semester was dit voor mij een echte prioriteit en ik denk – op misschien 1 les na – dat mijn lessen beter waren dan het zelfde vak 366 dagen daarvoor.

Het was ook een jaar met veel fijne ontmoetingen maar ook met veel werk en daardoor te veel ongelezen boeken. Zeker de voorbije weken, ook door een paar onverwachte hobbels in de weg, zijn behoorlijk slopend geweest.

En er staat veel op de plank voor 2017. Er komen 2 vertalingen bij van Urban Myths about Learning and Education. Maar er is vooral iets anders. Ik heb er eerder al subtiel op gehint, maar een traject waar ik de laatsten 9 jaar veel tijd en energie heb in gestopt, komt hopelijk nu eindelijk ook tot een afronding. Er zijn 2 artikels van mijn doctoraat al gepubliceerd, er zijn 2 andere momenteel in review en ik hoop voor de zomer te verdedigen. Duimen!

Is dit alles qua plannen voor het komende jaar? Tja, mezelf kennende, nee. Er zijn 2 boeken in planning voor de 2 komende jaren en ook muzikaal staat er – leuk – werk op de plank. Ik hoop trouwens met Blue and Broke nog veel huiskamerconcerten te doen (check hier), samen met de nodige full-band concerten.

De komende twee weken zal het blogritme tijdelijk een pak omlaag gaan, om zo tijd te maken voor mijn gezin maar ook om de conclusies van mijn PhD af te werken. Na nieuwjaar sta ik terug vroeg op voor deze blog :).

Wat hoop ik voor 2017? Ik hoop dat de rampspoed die mensen ondertussen lijken te verwachten uitblijft. Ik hoop ook dat wetenschap minder in de hoek zit waar de klappen vallen. Het klinkt misschien raar, om net hierbij stil te staan, maar in post truth tijden, wordt wetenschap al snel ook maar een mening. Ik ben er zelf nog niet uit of wetenschap en activisme dit nu beter of erger maakt. Tegelijk hoop ik dat wetenschap verder gaat in het zelf reinigen en dat de replicatietrend doorgaat.

En nu we toch aan het hopen zijn, ik hoop ook het beste voor al die kinderen, leerkrachten, directies en andere onderwijsmensen die elke dag samen op weg gaan.

En voor u, beste lezers van deze blog, wens ik u graag een fijn eindejaar en een goede gezondheid.

En ondertussen hoorde ik net dat Chris Rea al onderweg naar huis is…

Tot binnenkort ergens, onderweg.

Pedro

Zoek even op Google naar “did the Holocaust happen”

En wat is het eerste resultaat, ook in ons taalgebied? Het volgende:

Via Fortune ontdekte ik dit opvallende eerste zoekresultaat, maar er is meer. Google weet dit en wil er niks aan veranderen:

“We are saddened to see that hate organizations still exist. The fact that hate sites appear in Search results does not mean that Google endorses these views,” said the spokesperson in a statement. According to the company, a site’s ranking in search results is determined by computer algorithms using hundreds of factors to calculate a page’s relevance to a given query.

“We do not remove content from our search results, except in very limited cases such as illegal content, malware and violations of our webmaster guidelines,” the spokesperson said.

Mediawijsheid moet komen van opleiding, niet van technologiereuzen, vrees ik.

Vlaams onderwijs: veel moois, veel uitdagingen, enkele voorstellen

Sinds de PISA-resultaten is het onderwijsdebat weer helemaal terug. We scoren mooi in TIMSS en PISA, maar er zijn genoeg uitdagingen. De invloed van SES op de kloof tussen zwak en sterk en de daling van de sterkste leerlingen kregen de voorbije dagen meeste aandacht. Een derde uitdaging, de genderkloof voor wetenschappen en wiskunde kwam tot nu toe minder aan bod. De koepels en netten trekken ondertussen aan de alarmbel over het M-decreet. En terwijl minister Crevits en haar voorganger Smet echt proberen een inhaalslag te maken op vlak van scholenbouw, is er hier ook nog heel veel werk.

In alle bescheidenheid wil ik hier enkele mogelijke aandachtspunten meegeven die mogelijke oplossingen bevatten. Het zijn geen kant-en-klare oplossingen, maar wel elementen waar winst kan gehaald worden.

  • Kleuteronderwijs. Deze ochtend maakte minister Crevits bekend dat er een kleutercoördinator komt om alle kleuters op de schoolbanken te krijgen. We scoren qua kleuterparticipatie al heel hoog, maar die laatste honderden moeten ook bereikt worden. Dit is mooi en past in een visie zoals deze van Heckman, maar er is meer. Kleuterparticipatie is 1 ding, wat er in de kleuterklas gebeurt is ook belangrijk. Concreet bleek uit TIMSS dat ondanks onze hoge kleuterparticipatie de kinderen met een behoorlijk laag niveau in de lagere school binnenstromen. Hiervoor zie ik 2 mogelijke verklaringen:
    • Het past in een visie op onderwijs waarbij we kinderen vooral kinderen willen laten zijn. Dit is een keuze, maar elke keuze komt met consequenties. Pedagogen zoals Wilna Meijer waarschuwt niet onterecht voor een verschoolsing van het kleuterleven in bijvoorbeeld Nederland. Je kan trouwens ook via spel inhouden aanbrengen, maar dan is er ook nog…
    • De onderfinanciering van het kleuteronderwijs: als je grote groepen kleuters hebt, is het niet onlogisch dat de kinderen minder gestimuleerd worden
  • Beginnende leerkrachten. Ik wil u twee grafieken tonen:

    En koppel dit aan dit:

    Weet dat les krijgen van een minder effectieve leerkracht volgens Daniel Muijs een verschil van gemiddeld 25% minder leerwinst oplevert in vergelijking met een effectieve leerkracht en dat dit effect groter wordt bij kinderen uit zwakkere achtergronden. Dit probleem tackelen kan volgens mij de grootste effecten opleveren. Ik zag hoe sommige opperden deze ervaren leerkrachten meer te betalen om aan moeilijkere scholen of klassen les te geven. Zelf zou ik op een andere soort van incentive inzetten, namelijk het meest belangrijke in onderwijs: tijd. Laat deze leerkrachten minder les geven ter compensatie van het meer aan begeleiding en overleg dat voor deze leerlingen nodig is.
    De startende leerkrachten ondersteunen kan ook de negatieve impact die ik hierboven beschreef inperken. We kunnen startende leerkrachten niet doen verdwijnen (haha), maar we kunnen wel maken dat ze a) minder moeilijke groepen hebben b) niet massaal binnen de paar jaar stoppen en c) meer effect hebben in de klas.
  • Besparen? Koken kost geld, en veel van wat ik nu al schreef, kost geld. De matrix waar onze overheid aan werkt, moet ook als bedoeling hebben de kleinere klassen in secundair onderwijs weg te werken. Vooraleer iemand kwaad reageert dat hij of zij voor een gigaklas staat in het secundair onderwijs. Dat klopt ongetwijfeld, maar de verschillen zijn er enorm, ook door de wildgroei aan richtingen. De matrix moet ook ruimte veroorzaken, zonder echt een besparing te hoeven zijn op het onderwijsbudget.
  • Kleinere klassen. De OESO en Hattie stellen dat kleinere klassen vaak gewild zijn door ouders en leerkrachten, maar weinig leerwinst opleveren. Dit klopt, maar… klopt minder in geval van inclusief onderwijs. Een recente studie toont dat klasgrootte wel degelijk een belangrijke rol speelt als er meerdere kinderen met uitdagingen in een klas zitten. Vrij vertaald: de oproep van de scholen voor kleinere klassen bij het M-decreet lijkt me niet onterecht.
  • Lerarenopleiding. Er zijn didactische aanpakken die effect hebben op de kloof tussen zwak en sterk. Het is een invalshoek die wel haaks kan staan op visies. Concreet blijkt oa uit cognitieve psychologie (zie Hattie en Yates), onderwijsonderzoek (oa Project Follow Through) en PISA zelf dat zelfontdekkend leren voor basiskennis wel voor hoger welbevinden kan zorgen, maar de kloof tussen sterk en zwak vergroot. Directe instructie verkleint die kloof net, niet door sterk te laten zakken, wel door zwak beter te laten presteren. Let wel, dit kan ten koste gaan van het welbevinden. Maar leren gericht inzetten van didactische werkvormen én leren de impact zien van aanpak kan nog meer aandacht krijgen, imho.
  • Ik wil ook nog een nieuw woord invoeren: sustaining. In het moderniseringsplan is er veel terechte aandacht voor remediëring. Dit is goed, maar sustaining is voor iedereen belangrijk. Ik haalde dit woord bij Heckman (waar het slaat op het behouden van ondersteuning bij kinderen uit zwakkere milieus), maar wil dit woord ook betrekken op inhouden en doelen voor iedereen. Basiskennis van het basisonderwijs moet onderhouden blijven of verliest kracht. Dit wil niet zeggen dat ik pleit voor bijvoorbeeld 6 jaar spellingonderwijs, maar blijvende aandacht voor basisgeletterdheid, noem het spaced repetition.

En hoe zit het met taal? Wel, deze discussie woedde de voorbije dagen heel erg in de (sociale) media, maar ik hield me hier bewust op de vlakte. Ik weet er gewoon te weinig over en dan ben ik liever voorzichtig. Daarom wil ik zeker niet gezegd hebben dat dit alle oplossingen zijn. Het is gewoon wat ik met mijn kennis aan het debat kan toevoegen.

Mijn mini-rant deze ochtend over onderwijs

Het zijn maar enkele tweets, maar er zat wel behoorlijk wat ergernis achter. Omdat ik merkte dat verschillende leerkrachten zich gesteund voelen door deze vier tweets, deel ik ze ook hier:

Het didactische verhaal in PISA over (STEM)-onderwijs

De PISA-storm is nog lang niet gaan liggen, maar na de vorige drie posts (hier, hier en vooral hier), wil ik even stilstaan bij een verhaal dat ik al op mijn Engelstalige blog bracht, en dat eerder iets lijkt te zeggen over didactiek.

Deze grafiek is in mijn bescheiden mening een van de belangrijkste grafieken van de eerste 2 PISA-rapporten – zo niet de belangrijkste. Het bevat zowel een to do-lijst van dingen die moeten aangepakt worden (SES, gender-ongelijkheid,…), maar ook een how to-lijst, en dan valt iets op:

Maar wat betekent enquiry-based versus teacher-directed nu?

2 andere grafieken maken dit duidelijk, waarbij onder de nul gaan slecht nieuws betekent:

Als je ooit over het project Follow Through hoorde, dan hoeft deze grafiek je minder te verbazen, maar het lijk wel op het eerste gezicht haaks te staan op wat je vandaag vaak hoort in en over STEM-onderwijs. Begrijp goed: het is niet zo eenvoudig als zeggen: laten we traditioneel onderwijs gaan geven, dat staat er helemaal niet en pleit PISA zeer zeker niet voor. Variatie van onderwijs is cruciaal, ook in licht van mensen motiveren om voor wetenschappen te kiezen.

Kijk zeker ook naar het belang van adaptief onderwijs, lees differentiatie, in de eerste grafiek. En het betekent ook niet dat onderzoekend leren niet meer mogelijk is, maar misschien is dan deze quote van Hattie en Yates wel heel erg relevant en wat Daniel Muijs in zijn presentatie hier ook al aangaf:: directe instructie is de meeste effectieve methode voor het aanleveren van basiskennis. Eenmaal die basiskennis aanwezig, kan bijvoorbeeld onderzoekend leren wel degelijk een meerwaarde betekenen (zie ook Hattie, 2009).

Wat ik wel zeker weet: dit is voer voor een discussie die actief gevoerd moet worden…