Hoe kijken jongens en meisjes naar onderwijs in Vlaanderen?

Sociology of Education publiceerde eergisteren een nieuw onderzoek van Professor Mieke Van Houtte waar vandaag ook het Nieuwsblad over bericht waarin de Gentse onderzoekster data gebruikte van 11872 leerlingen uit het derde en vijfde middelbaar uit het Vlaamse onderwijs. :

Daaruit blijkt dat meisjes beduidend positiever staan tegenover studeren dan jongens. “Dat heeft te maken met de groepsdruk”, zegt Van Houtte. “Onder jongens is het simpelweg niet cool om hard te werken voor school. Dat weegt op hun resultaten.”

Opvallend: in het beroeps- en technisch onderwijs is de kloof tussen jongens en meisjes nog groter. “Jongeren komen daar vaak ­terecht na een negatieve ervaring in het aso”, zegt Van Houtte. “In de perceptie van veel mensen is het tso en bso een tweede keuze. Jongeren weten dat ook. Ze voelen zich gefaald en zetten zich af tegen het systeem.”

Uit het onderzoek blijkt dat ze daardoor meer wangedrag vertonen. Ze gaan meer spijbelen, spieken, alcohol drinken of drugs gebruiken. “Ze zoeken alternatieve manieren om zich populair te maken”, zegt Van Houtte. “Ze hebben ook het gevoel dat het weinig zin heeft om hard te werken. Ze denken dat ze toch geen (goede) job gaan vinden. Het zijn mechanismen die voor beide geslachten gelden, maar jongens vertonen dat wangedrag en gevoel van zinloosheid meer dan meisjes.”

Uit het artikel zelf blijkt dat de verschillen tussen de verschillende onderwijsniveaus er zijn, maar vrij minimaal. De belangrijkste invloed op de houding en gedrag zouden de kenmerken van de leerlingen en vooral de betrokkenheid van de ouders bij het onderwijs. Maar deze elementen – stelt de onderzoekster – kunnen op hun beurt vaak gelinkt worden aan het onderwijsniveau waarin een leerling zich bevindt.

Abstract van het onderzoek:

This study examines whether the influence of track position on study involvement is gendered and whether gender differences in study involvement according to track position are associated with school misconduct and rather poor future perspectives. Three-level analyses (HLM 6) of data gathered in 2004-2005 from 11,872 third- and fifth-grade students in 146 tracks in a representative sample of 85 secondary schools in Flanders (Belgium) confirmed the impact of tracking on boys’ as well as girls’ study involvement. Boys are, generally, less involved in studying than girls, and boys are more affected by track position than girls are, enlarging the gender gap in the lower tracks. In these tracks, boys are more prone to misconduct and rather poor future perspectives. Finally, girls in arts tracks are, on average, more involved in studying than girls in academic tracks, but because of their higher tendency for disruptive behavior in school, this does not show.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s