Waarom minister Crevits CLIL niet oplegt en niet kan opleggen

Vandaag is er veel te doen rond CLIL en immersie-onderwijs, aanleiding is een evaluatierapport dat vandaag verschijnt. In De Standaard lees je oa dit:

Momenteel bieden 61 scholen in Vlaanderen en Brussel een ‘CLIL-traject’ aan. CLIL staat voor Content and Language Integrated Learning. Eenvoudig uitgelegd: in plaats van in het Nederlands worden vakken in het Frans, het Engels of het Duits onderwezen. Vooral de uren geschiedenis, aardrijkskunde of wiskunde komen het meest in aanmerking.

Het gaat niet om een verplichting: de beslissing om CLIL te volgen, ligt in principe bij de leerling zelf.

Waarom is het geen verplichting, iets waar de minister ook op hamert. Je kan het interview met minister Crevits hier herbeluisteren (het begint om 1u10).

Waarom legt de minister niet op dat alle leerlingen in andere talen bijvoorbeeld wiskunde kunnen krijgen?

Wel omdat de minister in feite niet veel kan zeggen over hoe een school iets didactisch aanpakt. De overheid legt de minimumdoelen (eindtermen) vast, kan wel de mogelijkheid geven om lessen in andere talen te geven, leerkrachten ondersteunen bij de aanpak, enz. maar bij het vaststellen van het hoe botst de overheid op de grondwettelijke vrijheid van onderwijs.

Stel dat de minister dit wel zou doen, dan zou er al snel protest komen. Rector Rik Torfs zal al snel een opiniestuk schrijven over het gevaar van ‘staatspedagogiek’ en verschillende scholen zouden wellicht naar de rechtbank trekken en het halen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s