Rapport: Hoe gebruiken kinderen en jongeren media in het buitengewoon onderwijs?

Kreeg gisteren van Davy Nijs dit rapport opgestuurd. Het is een eerste (voorzichtig) antwoord op de vraag hoe kinderen en jongeren media in het buitengewoon onderwijs (basis en secundair) gebruiken. Tom Vandries & Davy Nijs van de programmalijn eSocialwork (Empowering People) van de UCLL onderzochten in het tweejaar durende onderzoeksproject Games4Specials het mediabezit, mediagebruik, het gamegedrag en de pedagogische acties hieromtrent.

Dit zijn de conclusie en aanbevelingen uit het verkennende rapport:

Kinderen in het buitengewoon onderwijs maken net zoals andere kinderen gebruik van alle bevraagde (nieuwe) media. We merken op dat de aanwezigheid van apparaten en het gebruik van (sociale) media sterke overeenkomsten vertoont, met enkele uitzonderingen zoals (bijvoorbeeld) het bezit van een eigen tablet en het WhatsApp-gebruik.

Er is nog een belangrijke rol weggelegd voor sensibilisering en concrete ondersteuning van ouders omtrent het mediagebruik van hun kinderen. Nu zien we bijvoorbeeld dat weinig jongeren rapporteren over afspraken over mediagebruik (o.a. veel gebruik, op de kamer, …). We betwijfelen sterk of de enige verklaring hiervoor is dat ouderlijke controle zo aanwezig is dat het niet gemerkt wordt.

Op het einde van de vragenlijst hadden de kinderen nog de ruimte om opmerkingen te schrijven. We geven er enkele: ‘Ik voetbal ook graag, Ik doe ook paardrijden en ik doe ook andere dingen’. Sommige kinderen beseffen dat digitaal een belangrijk aspect is, maar dat daarbuiten nog verschillende andere opvoedingsmilieus een rol spelen. We vermoeden dat het een uitdaging is om te zoeken naar een evenwicht tussen alle belangrijke aspecten in hun leven en een aangepast digitaal dieet.

Kinderen en jongeren in het Buitengewoon Onderwijs zijn op meerdere vlakken extra kwetsbaar. Het gebruik van (nieuwe) media kan hier ondersteuning in bieden (vb. nieuwe contactmogelijkheden via sociale media) maar kan anderzijds ook een extra uitdaging blijken (vb. beïnvloedbaarheid door reclame in spelletjes). Enerzijds moeten er dus aangepaste programma’s opgezet worden om kinderen en jongeren met media om te leren gaan, anderzijds moeten begeleiders en ouders de nodige competenties aan kunnen leren om het gebruik van deze media te begeleiden.

In verhouding met de kennis over mediagebruik en mediaopvoeding in ‘gewone’ opvoedingssituaties is er nog relatief (te) weinig kennis hieromtrent met groepen met extra ondersteuningsnoden. Diepgaander en systematischer onderzoek over de concrete impact van deze nieuwe technologieën, ouderlijke ondersteuningsnoden, etc… dringen zich op.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s