Mijn opinie in de De Morgen over hervormingen secundair onderwijs: 1989

Vandaag sta ik met de volgende opinie in De Morgen, 1989 was mijn oorspronkelijke titel. Ik blijf een muzikant en dus voeg ik maar een song toe zoals Frank Van Massenhove bij zijn columns…

1989

De discussie over de hervoming van het secundair onderwijs is helemaal terug op de politieke voorgrond. Voor mensen die een deja-vu gevoel hebben, dat is niet helemaal onterecht. Tijdens de vorige Vlaamse regeringen hebben we ook al ellenlange discussies gekend over hoe ons onderwijs anders moet. We evolueerden ondertussen van “hervormen” tot “moderniseren”, maar de idee blijft dat er moet gesleuteld worden aan ons onderwijs waarbij de discussies zowel gaan over op welke manier als over in welke mate er verandering nodig is. Er zijn verschillende redenen die deze discussies voeden. Vanuit internationaal perspectiefwordt vaak gewezen op het feit dat de invloed van de sociale achtergrond op de schoolresultaten in ons land relatief groot is. Na de laatste PISA-ronde komt verder naar voor dat onze beste leerlingen het gaandeweg minder goed doen. Voeg daar ook nog het watervalsysteem bij waar leerlingen ‘hoog’ beginnen en doorheen hun schoolloopbaan afzakken van de onderwijsladder met steeds meer schoolmoeheid. Het watervalsysteem toont ook nog een vierde probleem: namelijk de idee dat de ene richting beter of hoger is dan de andere. We zeggen wel dat een loodgieter evenveel verdient als veel hoogopgeleiden, maar we willen toch liever dat laatste.

Tegen deze achtergrond gaat het debat over het herwaarderen van het beroepsonderwijs, het al dan niet in stand houden van het ASO, maar ook bijvoorbeeld de discussie over wanneer kinderen een keuze moeten maken wat ze willen studeren. Bij dit laatste is er iets opvallends: vandaag is dit keuzemoment decretaal vastgelegd op 14 jaar, op het einde van de eerste graad. Schrik niet: de brede graad waar al zo lang over gebakeleid wordt, werd officieel al in 1989 ingevoerd in wat het eenheidstype werd genoemd. Het onderscheid ASO, BSO, TSO en KSO begint pas vanaf het derde jaar in het secundair onderwijs. Deze brede eerste graad werd toen ingevoerd omwille van alle argumenten die je vandaag ook hoort. Toch zal je op verschillende scholen wel al richtingen kunnen kiezen in die eerste, brede graad die verwijzen naar ASO, TSO of BSO. Hoe kan dit? Naast een gemeenschappelijk deel dat voor iedereen gelijk zou moeten zijn, zijn er ook keuze-uren waarin leerlingen verschillende opties kunnen worden aangeboden . Die pakketten kunnen dan een voorafspiegeling zijn van wat er volgt. En zo krijg je in de praktijk toch al de situatie dat je op verschillende scholen wel op je twaalfde een keuze moet maken. Daarnaast bestaan er ook middenscholen waarbij de gemeenschappelijkheid bewust centraal staat. Beide zijn dus binnen de regelgeving vandaag mogelijk. Zal dit veranderen als het huidige masterplan ingevoerd wordt? Nee, want in dit plan vind je ook al het compromis dat leerlingen die al goed weten wat ze willen op hun twaalfde een defintieve keuze moeten kunnen maken en dat de andere leerlingen hun keuze moeten kunnen uitstellen.

En zullen de ASO-scholen of scholen die eerder technische- of beroepsrichtingen aanbieden per definitie verdwijnen als je naar het masterplan kijkt? Er staan in de plannen zeker alternatieven, maar met het concept van doorstroomscholen (die voorbereiden op verder studeren) en afstudeerscholen (die voorbereiden op werken na het middelbaar onderwijs) bestaat hier ook de mogelijkheid om alles bij het oude te laten.

Maar net als er nu middenscholen bestaan, is de omgekeerde beweging reeds mogelijk: omdat onze huidige regelgeving al zeer veel mogelijk maakt van wat in het masterplan staat, zie je nu ook al scholen die verschillende van de ingrediënten van het masterplan uitvoeren. Tot voor kort kozen de sterkste leerlingen voor richtingen zoals Latijn-wiskunde, maar ondertussen zien we een opmars van STEM-richtingen op het abstractieniveau van ons algemeen vormend secundair onderwijs, een aandachtspunt van het masterplan.

Het zou me niet verbazen dat als de politiek er – weer – niet uitraakt, andere spelers in ons onderwijs, bijvoorbeeld de netten en koepels maar ook scholengroepen zelf, hervormingsstappen zullen zetten los van de politiek. Zoals ik al beschreef, er is zeer veel mogelijk. De vraag is dan wel wat dit kan betekenen voor de kinderen en ouders? Meer keuze en een rijkdom aan visies maar tegelijk meer versnippering, waar het moeilijk in bewegen en kiezen valt? Het is ook nog de vraag of de uitdagingen hiermee  opgelost zullen worden. En misschien krijgen we dan binnen een tiental jaar terug een pleidooi voor meer eenheid. Net zoals in 1989.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s