Daar komen de robots… om je woonkamer en je hart te veroveren (Jibo – video)

16 07 2014

Nee, de Jibo is nog niet in productie, maar het concept is wel al heel duidelijk:

En… het zou zelfs een leraar zijn (nouja).

via mashable.





Een publiek-wetenschappelijk gevecht over de ‘theory of disruption’

14 07 2014

Nu, hoe wetenschappelijk het gevecht uitgevochten wordt is nog maar de vraag, maar de zeer populaire theorie over disruptieve ontwikkelingen die in The Innovator’s Dilemma van Clayton M Christensen beschreven werd, kreeg een historische factcheck in The New Yorker door Jille Lepore.

Over wat gaat het precies?

disruptive innovation is an innovation that helps create a new market and value network, and eventually disrupts an existing market and value network (over a few years or decades), displacing an earlier technology. The term is used in business and technology literature to describe innovations that improve a product or service in ways that the market does not expect, typically first by designing for a different set of consumers in a new market and later by lowering prices in the existing market. (Wikipedia)

En dan moet je dus denken aan bedrijven zoals Kodak die verdwijnen door de Instagrams van deze wereld, om nog maar te zwijgen over Uber en AirBnB.

Maar… Lepore is keihard in haar analyse: “Disruptive innovation as a theory of change is meant to serve both as a chronicle of the past (this has happened) and as a model for the future (it will keep happening). The strength of a prediction made from a model depends on the quality of the historical evidence and on the reliability of the methods used to gather and interpret it. Historical analysis proceeds from certain conditions regarding proof. None of these conditions have been met.”

En Christensen is not amused en valt de onderzoekster in een zeer opvallende stijl aan.

Maar… zoals Slate vaststelt, het woord disruptie wordt nu echt wel te pas en vooral te onpas gebruikt





Het aantal kinderen met (leer)problemen in de UK… daalde de voorbije jaren

8 07 2014

Dit onderzoek gaat in tegen de momenteel populaire stelling dat er steeds meer kinderen een label of diagnose krijgen. In Groot-Brittannië zou over de periode van 1999 tot 2008, het aantal kinderen waarbij problemen werden vastgesteld net gedaald zijn. Dit zou gelden voor alle lagen van de bevolking en sterker uitgesproken voor jongens dan voor meisjes. De vraag is of dit een typisch Brits fenomeen is of niet en vooral wat de oorzaak is.

Abstract van het onderzoek:

Background: Evidence from Western countries indicates marked increases in diagnosis and treatment of childhood psychiatric disorders in recent years. These could reflect changes in prevalence of mental health problems, changes in their impact or increased clinical recognition and help-seeking. Epidemiological cross-cohort comparisons are required to test possible changes in prevalence, but are lacking for pre-adolescent children in Great Britain.

Methods: Parent and teacher Strength and Difficulties Questionnaire (SDQ) ratings were used to compare rates of emotional, conduct and hyperactivity problems in 7-year-old children across three nationally representative British samples assessed in 1999 (= 1033), 2004 (= 648) and 2008 (= 13 857). The SDQ impact supplement was used to assess associated distress, social, and educational impairment. Stratified analyses examined trends by gender and socio-economic group.

Results: There was a decline in mean problem scores and a fall in the percentages scoring in the ‘abnormal’ range for all symptom types across the period of study. This decline was observed for all demographic groups, for parent and teacher reports, and was more marked for boys than girls. Both parent- and teacher-rated impact scores differed across the three cohorts for boys. Teacher-rated impact scores differed across cohorts for girls.

Conclusions: The first decade of the 21st Century saw a reduction in perceived levels of emotional and behaviour problems in pre-adolescent children in Great Britain. The threshold at which mental health problems have an impact on children’s distress and classroom learning has changed over time. Continued monitoring of child mental health remains a priority.





Presentatie: how to get close to youth (Insites & Viacom)

4 07 2014




De zeer nabije toekomst volgens Google (video)

26 06 2014

De lijst van aankondigingen is een pak groter dan bij een zekere fruitmerk en deze video maakt duidelijk dat Google heel ons leven wil binnendringen vergemakkelijken:

Check hier voor meer informatie.





Horizon rapport voor lager onderwijs vrijgegeven: welke technologie te verwachten?

24 06 2014

We hadden al het rapport voor hoger onderwijs, maar nu is ook het rapport voor basisonderwijs vrijgegeven.

De samenvatting:

Fast (1-2 years)

  • Rethinking the role of teachers;
  • Shift to deep learning approaches;

Mid-range (3-5 years)

  • Increasing focus on OER content;
  • Increasing use of hybrid learning designs;

Long-range (5+ years)

  • Rapid acceleration of Intuitive Technology;
  • Rethinking “How Schools Work”

Mogelijke obstakels en moeilijkheidsgraad:

Solvable Challenges

  • Creating “Authentic Learning Opportunities”;
  • Integrating personalized learning;

Difficult Challenges (for which solutions are “elusive”)

  • Complex thinking and communication;
  • Increased privacy concerns;

Wicked Challenges (“Those that are complex to even define, much less address”)

  • Competition from new models of education;
  • Keeping formal education relevant.




Presentatie over ‘Generatie Z’

22 06 2014

Mensen die me kennen weten dat ik moeite heb met generatiedenken, en het afzetten van generatie Z tegenover de millennials is natuurlijk een slimme marketingtruc. Los daarvan zitten er in deze presentatie enkele opvallende cijfers enerzijds en algemene evoluties in onze wereld.





JIM’s jaarlijkse onderzoek naar jongeren in Vlaanderen: een ondernemende generatie

20 06 2014

Weken geleden zat Herman Toch bij mij thuis enthousiast te vertellen over dit onderzoek. Kids en Jongeren maakte een korte samenvatting. De presentatie maakt al veel duidelijk:





Verkennend rapport over MOOC’s van de NVAO

16 06 2014

De NVAO publiceerde net een verkennend rapport over MOOC’s in dit Vlaanderen en Nederland dat je hier kan downloaden.

Dit is de samenvatting:

De NVAO kijkt met belangstelling naar het potentieel van Massive Open Online Courses (MOOCs), online onderwijs in het algemeen en blended learning voor het versterken van de kwaliteit van opleidingen. De NVAO hanteert daarbij een Nederlands-Vlaams, een Europees en een mondiaal perspectief.

In 2009 heeft de NVAO, als uitkomst van een discussie onder auspiciën van de European Association for Quality Assurance in Higher Education (ENQA), haar positie ten aanzien van online hoger onderwijs bepaald en in drie punten samengevat: (1) de beoordelingskaders van de NVAO, waarin online onderwijs niet expliciet wordt genoemd, kunnen – dankzij hun open karakter – input inzake online onderwijs heel wel accommoderen; (2) de NVAO acht het cruciaal en ziet erop toe dat expertise op het gebied van online onderwijs aanwezig is in beoordelingspanels; (3) de NVAO rekent het zich tot taak, expertise op het gebied van online onderwijs in huis te hebben, deze bij te houden en te delen.

Anno 2014 vormen deze drie punten nog steeds het uitgangspunt. Op die basis poogt de NVAO recente ontwikkelingen een plaats te geven. De NVAO realiseert zich dat sommige hogescholen en universiteiten vragen hebben en graag antwoorden krijgen, terwijl andere instellingen liefst zien dat de NVAO hen met rust laat en ruimte geeft, of die in ieder geval niet inperkt. In lijn daarmee is de tekst in de notitie, zeker voor zover die de interne kwaliteitszorg betreft, een mix van beschrijvend en aanbevelend, en zeker niet dicterend.

De notitie verkent scenario’s waarin een universiteit of hogeschool in Nederland of Vlaanderen:

  • een weg zoekt in het erkennen van online onderwijs – een MOOC of anderszins – dat studenten elders gevolgd hebben;
  • kwaliteitseisen stelt aan online onderwijs uit het aanbod van een andere instelling dat zij als (deel van een) onderwijseenheid inbrengt in een eigen bachelor of master;
  • kwaliteitseisen stelt aan online en blended onderwijs dat zijzelf ontwikkelt.

Het lijkt de NVAO niet waarschijnlijk dat MOOCs in Nederland of Vlaanderen op afzienbare termijn object van accreditatie zullen worden. De NVAO acht het wel mogelijk dat er een door partijen gedeelde perceptie groeit van wat bepalend is voor een “goede” MOOC. De NVAO is graag bereid een rol te spelen in het verzamelen en dissemineren van good practice.

De NVAO zal vanuit haar rol als accreditatieorganisatie haar zienswijze in de beleidsvorming inbrengen en er toe bijdragen dat mogelijke belemmeringen rond het stimuleren van online onderwijs worden weggenomen.

Op internationaal terrein is de NVAO voornemens om samen met Europese zusterorganisaties wet- en regelgeving ter zake ook op Europees niveau tegen het licht te houden en naar aanleiding daarvan zo nodig actie te ondernemen. Een ander punt op deze Europese agenda kan zijn het onder de aandacht brengen van het belang van MOOC- certificaten die aan de hoogste eisen voldoen, en hoe aanbieders daartoe kunnen bijdragen.





5 ‘tegenstrijdige’ consumer trends (presentatie)

13 06 2014

Het is een tijdje geleden dat ik nog iets rond trends op de blog had, maar deze presentatie van Joeri (en ook vooral in deze co) wil ik jullie niet onthouden:








Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 5.919 andere volgers

%d bloggers like this: