Gentse studenten lanceren #banbye (maar moeten opletten dat ze niet te ver gaan)

26 11 2014

Een pleidooi voor meet netiquette, dat is in feite waar de actie van de 5 Gentse communicatiestudenten voor staat. Ze willen ingaan tegen het fenomeen van phubbing, volgens hun website:

Met BanBye willen we elkaar er toe aanzetten om ons sociaal leven weer face-to-face te doen verlopen en minder via onze schermpjes. We betrappen elkaar maar al te vaak dat we onze smartphone bovenhalen en “…snel even iets checken”. Maar “snel” blijkt al te vaak een relatief begrip te zijn. Daarom deze 5 etiquette-regels.

Ga je op café met vrienden? Heb je een etentje met je vriend(in)? Ben je in een diepzinnig gesprek met je oma? Steek die smartphone dan weg en volg onze 5 rules!

Like onze Facebookpagina, tweet onder de hashtags #Bandroid en #ByePhone en spread the word!

En wat zijn die 5 rules?

Rule #1 ‘put it away and have more fun’

Rule #2 ‘chat with the friends in front of you’

Rule #3 ‘i’ll only check if you call me’

Rule #4 ‘if you get caught, put it on the floor’

Rule #5 ‘go offline to get a life’

Eerlijk? Ik vind deze regels verder gaan dan een zuivere netiquette als je ze te rigoureus toepast, zeker de laatste ‘go offline to get a life’. Het juist inpassen van technologie, ook als je samen bent met vrienden is belangrijk, maar niet noodzakelijk offline. Aan echte appel meenemen naar de film in plaats van een iPhone klinkt goed, maar heb toch mijn toestel graag mee om zonder papieren ticket binnen te mogen.

In hun opiniestuk verwijzen ze naar Turkle’s Together Alone, maar ik kan hen evenzeer het werk van danah boyd aanraden voor wat nuance.

Ik steun de oproep tot een netiquette, maar netiquette staat niet gelijk aan bannen maar wel aan wijs gebruiken.





Afspraken maken rond sociale media op school, een handleiding

22 11 2014

Vorig academiejaar begeleidde ik verschillende groepjes studenten in hun bachelorproef. 3 er van werden in mei voorgesteld in de Vooruit op Apestaartjaren. De voorbije maanden kreeg ik vooral vragen over deze bachelorproef van Bram Kuppens, Femke Pletinckx, Julie Rottier en Lisa Scheire over ‘Afspraken rond sociale media integreren in het schoolreglement’.

Klasse brengt deze maand 8 tips uit hun BAP die ze maakten voor hun opleiding Bachelor in het Onderwijs: Secundair Onderwijs aan de Arteveldehogeschool, maar je kan nu ook het hele werk downloaden vol tips en vooral met verschillende handleidingen voor scholen om aan een goed afsprakenkader te werken rond sociale media op school:





Persbericht EMSOC: rapport over het sociale mediagebruik van de Vlaamse bevolking

21 11 2014

Vandaag verscheen dit rapport en bijhorend persbericht over het sociale mediagebruik van de Vlaming:

In juni 2014 zonden EMSOC-onderzoekers Hadewijch Vanwynsberghe & Louise Hasepeslagh (iMinds-MICT, UGent) een survey het wereldwijde web in die het sociale mediagebruik van de Vlaming zou moeten meten. Nu kunnen we eindelijk de langverwachte resultaten lezen in het EMSOC survey rapport, onderaan de pagina te downloaden.

Uit het onderzoek is onder meer gebleken dat – misschien niet erg verrassend – Facebook het populairste sociale netwerk is, met 79% van de respondenten die een account hebben op deze website. Ongeveer een derde van de respondenten had een account op Twitter en evenveel mensen één op LinkedIn, maar de frequentie van het gebruik van Twitter ligt wel hoger dan bij LinkedIn het geval is. De belangrijkste reden om Facebook te gebruiken blijkt ‘om up to date te blijven met wat mijn vrienden doen’ te zijn. Twittergebruikers geven daarentegen aan dat zij dit medium gebruiken om up to date te blijven met wat bekende mensen doen.

Ook bij de vraag naar mogelijke redenen om de sites te stoppen gebruiken, zien we duidelijke verschillen tussen Facebook en Twitter. Bij Facebook zijn privacyzorgen, te veel nutteloze informatie en advertenties de belangrijkste redenen, terwijl bij Twittergebruikers het feit dat niet genoeg vrienden het platform gebruiken de voornaamste reden is.

De survey peilde verder ook naar de technische, emotionele en kritische competenties van sociale mediagebruikers. Daaruit bleek dat de activiteiten die we het vaakst doen, zoals het posten van een foto of het gebruiken van een hashtag, ook het best kunnen. Meer complexe of verborgen activiteiten, zoals het rapporteren van advertenties, het verwijderen van tweets of het gebruiken van Twitterlijsten, ervaren we als moeilijker. Daarnaast is het opvallend dat weinig sociale mediagebruikers een goede kennis hebben over de platformen die ze gebruiken. De situatie is hierbij slechter voor Twitter dan voor Facebook. Heel wat gebruikers zijn zich er bijvoorbeeld niet van bewust dat hun gegevens worden doorverkocht of dat de berichten die ze te zien krijgen eerst gefilterd worden voor ze op hun Facebook nieuwsoverzicht of Twitter feed verschijnen. Ook weten weinig gebruikers dat ze hun auteursrechten opgeven voor alles wat ze posten op de sociale netwerksites.

Meer dan de helft van de Facebookgebruikers zeggen zich zorgen te maken over hun privacy en hebben het gevoel dat Facebook als bedrijf hun privacy niet respecteert. Toch blijkt dat minder dan de helft van de Facebookgebruikers ooit de gebruiksvoorwaarden heeft gelezen. Deze tegenstrijdigheid valt mogelijk te verklaren door de moeilijke taal die in dergelijke voorwaarden wordt gehanteerd. Wel veelbelovend is dat acht op tien Facebookgebruikers zijn privacy-instellingen heeft aangepast. Dit is dan ook een meer eenvoudige en concrete actie dan het lezen van de gebruiksvoorwaarden.

De onderzoekers besluiten dat elke gebruiker over een andere combinatie van competenties beschikt. Dit zorgt voor enkele duidelijk te onderscheiden gebruikersgroepen. Sommigen zijn ongeïnteresseerd, sommigen denken goed na voor ze iets doen online, sommigen zijn kritisch, anderen beschikken dan weer over veel kennis en nog anderen zijn impulsief. Dit kan belangrijk zijn voor leerkrachten, bedrijven, overheden en andere stakeholders die de sociale mediageletterdheid van een bepaalde doelgroep wensen te verhogen. Rekening houden met deze verschillende groepen kan dan een belangrijke factor zijn.

Download het EMSOC survey rapport hier.





Een graphic novel die voor- en nadelen van Big Data uitlegt

18 11 2014

Wat krijg je als een journalist van Al Jazeera America en een tekenaar samenwerken? Een graphic novel over Big Data.

Klik op de afbeelding om het boek te lezen:

bigdata





Grappig: kinderen reageren op oude fototoestellen (video)

17 11 2014

We zagen al verschillende dergelijke filmpjes, blijft leuk!





Grappig, belangrijk en net niet #NSFW: 3 pornosterren leggen belang netneutraliteit uit

16 11 2014

Het is een video van Funny or Die en de dames (en af en toe een heer) zijn zeer schaars gekleed, maar het thema is belangrijk. Zoals in de video gezegd wordt, heeft Obama zich deze week uitgesproken pro net neutraliteit (wat een goede zaak is), maar het gevecht is nog lang niet beslecht.

Ik weet niet of ik deze video zou gebruiken in de klas om het probleem uit te leggen, maar dan kan deze ook nog:

Of deze:





Volgens Viacom hebben Belgische en Nederlandse kinderen gemiddeld toegang tot 7 schermen thuis

12 11 2014

Bij deze infografiek die ik hier vond:

“Media devices are commonplace among kids in Northern Europe, according to “My Media, My Ads,” a new study by Nickelodeon Kids and Family GPS. Kids in Belgium, Germany, Denmark, the Netherlands, Poland and Sweden have access to an average of 4.4 devices and 7.1 screens at home, and many have devices of their own for personal consumption. If parents were to put together a media plan for their kids, 54% of the commercials would be on television and the rest would be divided across computers, tablets, smartphones, and gaming consoles.”





Infografiek: hoe wetenschappelijk onderzoek echt gaat

11 11 2014

 

 

Soms kom je kleine parels tegen via Twitter, en deze ontdekte ik via @researchUgent op deze blog die er trouwens een zeer lezenswaardige tekstversie van maakte.





Een reclame tegen ‘big sister’

10 11 2014

Via het onvolprezen kortjes ontdekte ik deze reclame van Goldieblox, speelgoed dat niet in de gender-val wil trappen. Maar waarbij ik me wel afvraag waarom ze zich dan enkel op meisjes richten.

De reclame is een duidelijke verwijzing naar deze beroemde Apple-reclame, maar het punt is duidelijk:





Hoe jongeren het alcoholgebruik van volwassen zien (Linda Duits)

9 11 2014

Deze post verscheen eerder op dieponderzoek.nl.

Nix18In Nederland wordt in campagnes een onderscheid gemaakt tussen drinken voor jongeren en drinken voor volwassenen. De boodschap van Nix18 is dat jongeren – dat wil zeggen: mensen onder de 18 jaar – niet mogen drinken. Geïmpliceerd daarin is dat drinken boven de 18 jaar dus prima is. Trekken jongeren zulke grenzen zelf ook? In een recente studie [abstract] onderzochten Finse en Italiaanse onderzoekers het ‘grenswerk’ [boundary work] rond alcohol van Finse en Italiaans jongeren.

Grenswerk
Grenzen komen voort uit cultuur en context, zo stelt sociologische theorie over grenswerk van Lamont and Molnár. Ze worden sociaal onderhandeld en zijn dus niet gebonden aan individuen, maar aan groepen. Je zou daarom verwachten dat mensen uit verschillende landen andere grenzen bij alcoholgebruik trekken. Italië en Finland kennen andere drinkculturen. In Italië wordt vooral gematigd bij het eten gedronken, in Finland vooral zwaar bij gelegenheden. Italië kent meer langdurige ziektes gerelateerd aan alcohol, Finland vooral alcoholgerelateerde ongelukken en geweld. De studie richt zich op Turijn en Helsinki. De auteurs spreken daarom van ‘drinking geographies’ in plaats van drinkculturen.

Methode
De onderzoekers hielden in iedere stad vier focusgroepen, met jongeren tussen de 17 en 20 (Turijn) en 17-24 (Helsinki). In totaal zijn 51 respondenten bevraagd. De groepen waren met opzet heterogeen in termen van klasse. Ze kregen verschillende beelden van drinksituaties voorgelegd om discussie te stimuleren. Op de data is narratieve analyse toegepast, waarbij is gezocht naar patronen rond grenzen, in het bijzonder onderscheid tussen jeugdig versus volwassen drinken, en netjes versus afwijkend drinken voor volwassenen.

Resultaten
Er waren duidelijke verschillen tussen de steden. Turijnse jongeren zagen een stel dat samen wijn drinkt vooral als aperitief, voordat er gegeten wordt in een restaurant, en geschikt voor jong en oud. Een hele fles vonden ze trouwens te veel. Jongeren uit Helsinki zagen deze situatie als iets voor volwassenen en koppelden het aan winkelen, een jubileum of daten.

Een foto van een groepje mensen op een terras overdag werd door de Turijnse jongeren afgewezen: overdag drinken is niet normaal. De Finse jongeren vonden het wel normaal, maar alleen voor volwassenen bijvoorbeeld als borrel na het werk.

Een man die alleen drinkt vonden de Turijnse jongeren sneu. Ze koppelden dit beeld aan alcoholisme. Ook de jongeren uit Helsinki vonden het een zielig  beeld. Alleen drinken was in hun ogen onacceptabel, tenzij je uit Oost- of Zuid-Europa komt of een kunstenaar, docent of denker bent.

Tot slot: een foto van een man voorovergebogen naast een fles drank (‘van zijn stokje gegaan’) werd gezien als pathologisch. Voor de Italiaanse jongeren waren dronken volwassenen onbekend. Jongeren mogen wel dronken worden:

Actually, an adult who gets drunk is considered a failed person, someone not meeting social expectations, while young people who do it are not blamed, especially among higher socio-economic status interviewees. However, intoxication is not personally appreciated: many accounts refer to others’ drunkenness (p. 244).

Opmerkelijk zagen de jongeren uit Helsinki dit beeld als alleen iets voor volwassenen. Ze betrokken de foto niet op zichzelf.

Conclusie
De jongeren uit Turijn trokken grenzen tussen normaal en afwijkend drinkgedrag. Dit gaat om hoeveelheid, plaats (wijn drink je niet als je uitgaat, alleen thuis en in een restaurant), tijd (niet overdag), gezelschap (als stelletje mag het), leeftijd en type alcohol (geen digestieven). De normen van deze jongeren lijken op die van volwassenen. Volgens de onderzoekers komt dit omdat Italiaanse kinderen langzaam alcohol leren drinken, steeds met volwassenen erbij. Dronkenschap hoort bij jeugd: als je ouder wordt dien je dat niet meer te doen.

De jongeren uit Helsinki zagen jeugdig en volwassen drinken als heel anders. Zij bekeken situaties vooral of er veel of weinig gedronken wordt. Dronkenschap keerden steeds daarbij terug en werd gezien als onderdeel van zowel volwassen als jeugdig drinken, zonder dat dit betekende dat ze vergelijkingen maakten. Omdat deze jongeren wisten dat volwassenen hun drankgebruik afkeurden, werd drinken een daad van verzet tegen ouderlijke normen. In Finland bestaat een tegenstelling tussen officiële uitingen waarin drankgebruik wordt afgeraden, en informele gebruiken gericht zijn op zwaar drinken. Dit betekent volgens de onderzoekers dat er geen gedeelde normen tot stand komen.

Nederland
Het is lastig om de Nederlandse drinkcultuur af te zetten tegen deze kleine kwalitatieve studie. Ik denk dat de Nederlandse cultuur beide elementen kent. De campagne van Nix18 stelt nu “Heel Nederland is het er over eens, onder de 18 moet je gewoon niet roken en drinken. Daarom hebben we een afspraak: de afspraak van NIX.” Dit is onjuist: niet drinken onder de 18 is helemaal geen gedeelde norm in Nederland. Het is voor voorlichtingsinstanties daarom essentieel dit onderzoek in Nederland te reproduceren willen ze de juiste toon kunnen vatten in campagnes.








Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 6.551 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: