Om weer mee te zijn: Meow

30 07 2014

Via een bericht in de Guardian (dank @RemcoPijpers) Meow ontdekt, een chat-app die al een tijdje bestaat, maar nu furore lijkt te maken.

Wat is Meow? Een kruising lijkt het wel tussen Chatroulette, MSN Messenger (waar is de tijd) en Whatsapp. Sommige vergelijken het ook met Tinder.

Je kan berichten sturen en ontvangen (Whatsapp en Messenger), er zijn zelfs ouderwetse chatrooms (2001), maar ook random chatten (Chatroulette) en zoeken naar mensen via een kaart (en swipen, zie Tinder, alhoewel Meow minder datinggericht is dan Tinder). Oja, het heeft ook een feed voor foto’s zoals… instagram.

In de UK zou het storm lopen, benieuwd wat het hier gaat doen, maar 1 ding hebben ze wel al door: op het net werken katten best.





Een oudere TED-talk over de ‘Filter bubble’

27 07 2014




PEW-presentatie: 13 dingen die je moet weten over tieners en technologie

26 07 2014

En vergeet eerst de mythes maar…





Persbericht Kennisnet: App-makers onzorgvuldig met privacy van kinderen

22 07 2014

Er is een nieuw rapport van Mijn Kind Online en Kennisnet over App’s voor kinderen en nu meer specifiek over privacy. Dit is het persbericht:

Volgens het rapport ‘Kapers op de kust – over het kapen van persoonsgegevens door kinderapps’ zijn ouders zich vaak nauwelijks bewust van de risico’s, maar is er wel degelijk reden tot zorg. Van de ruim 1 miljoen apps in de iTunes App Store en de Google Play Store zijn vele gericht op kinderen. In veel van die apps wordt persoonlijke informatie verzameld en gedeeld. Het gaat dan niet alleen om naam- en adresgegevens, maar ook om afbeeldingen van personen.

Veel app-ontwikkelaars blijken zich nauwelijks te houden aan de juridische regels die er zijn. Zo moeten producenten toestemming vragen voor het gebruiken van persoonsgegevens vóórdat de app informatie van een apparaat haalt of er informatie op plaatst – voorafgaand aan de installatie dus – en duidelijk aangeven met welk doel gegevens worden gevraagd en gebruikt. Aan die voorwaarde wordt niet voldaan – in de beschrijving in de downloadstores wordt zelden tot nooit over privacy gerept. Apps zijn vrijwel altijd te downloaden zonder dat de gebruiker een privacy-overeenkomst te lezen krijgt. Als er wel een link is naar de voorwaarden zijn die vaak te moeilijk voor de doelgroep. Bij sommige apps is toestemming nodig van de ouders, maar onduidelijk is wanneer en hoe ouders die toestemming moeten geven.

Mijn Kind Online testte met een speciaal programma welke datapakketjes apps als Instagram, WhatsApp en Snapchat, maar ook minder ‘verdachte’ apps als Maan Roos Vis, Okki’s gekkebekkenclub en MovieStarPlanet ná het downloaden versturen. Vier van de tien onderzochte apps bleken gegevens onversleuteld en dus onveilig te versturen. Versleuteling zorgt ervoor dat er ‘geheim taal’ verschijnt.

“Zorgelijk”, noemt Floris Kreiken, onderzoeker bij Bits of Freedom, de onderzoeksresultaten in het rapport. “Het onversleuteld versturen van gegevens is erg omdat ze onderschept kunnen worden.”

Jacob Kohnstamm, voorzitter van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), vertelt in het rapport dat hij tijdens een bezoek aan Silicon Valley al constateerde dat app-ontwikkelaars vaak geen flauw benul hebben van privacy, laat staan van de Europese opvattingen over de bescherming van persoonsgegevens. Hij gelooft niet dat het kwade opzet is. “Ze hebben er gewoon nooit over nagedacht,” aldus Kohnstamm.

Het rapport ‘Kapers op de kust’ maakt deel uit van een privacy-campagne van Mijn Kind Online en Kennisnet die sinds afgelopen voorjaar met verschillende publicaties en onderzoeken de aandacht wil vestigen op de privacyrisico’s die kinderen en jongeren lopen op internet.





Het effect van jouw smartphone op vriendschap (onderzoek)

21 07 2014

Net een onderzoek op de blog geplaatst waaruit blijkt dat we Facebook vooral gebruiken om met elkaar in contact te blijven, maar wat als je dan bij elkaar bent?

Wel gewoon de telefoon in de buurt hebben tijdens bijvoorbeeld een etentje, zorgt ervoor dat zelfs als je niet kijkt, je aandacht voor de andere vermindert en de kwaliteit van het gesprek daalt.

Voor het onderzoek werden 200 vrijwilligers verdeelt over 2 soorten groepen om samen in een echt koffiehuis met elkaar over zowel triviale als belangrijke onderwerpen te babbelen. 1 groep met telefoon in de buurt, 1 zonder.

De resultaten zijn duidelijk:

“If either participant placed a mobile communication device on the table, or held it in their hand, during the course of the 10-minute conversation, the quality of the conversation was rated to be less fulfilling, compared with conversations that took place in the absence of mobile devices.
The same participants who conversed in the presence of mobile communication devices also reported experiencing lower empathetic concern, compared with participants who interacted without (the presence of) distracting digital stimuli.”

Deze resultaten bleken te blijven na controle voor leeftijd, geslacht, stemming en ook de invloed van meer serieuze of eerder triviale onderwerpen bleek niet aanwezig.

Nee, het onderzoek gaat niet over smartphones in de klas.

Abstract van het onderzoek:

This study examined the relationship between the presence of mobile devices and the quality of real-life in-person social interactions. In a naturalistic field experiment, 100 dyads were randomly assigned to discuss either a casual or meaningful topic together. A trained research assistant observed the participants unobtrusively from a distance during the course of a 10-min conversation noting whether either participant placed a mobile device on the table or held it in his or her hand. Using Hierarchical Linear Modeling, it was found that conversations in the absence of mobile communication technologies were rated as significantly superior compared with those in the presence of a mobile device, above and beyond the effects of age, gender, ethnicity, and mood. People who had conversations in the absence of mobile devices reported higher levels of empathetic concern. Participants conversing in the presence of a mobile device who also had a close relationship with each other reported lower levels of empathy compared with dyads who were less friendly with each other. Implications for the nature of social life in ubiquitous computing environments are discussed.





Is Facebook een verhaal van empathie of van narcisme? (onderzoek)

21 07 2014

Mensen worden narcistischer door Facebook of nee, ze worden net meer empathisch? Door het onderzoek van Twenge et al. weten we dat we al langer meer narcistisch zijn geworden dan Facebook bestaat, maar de vraag blijft toch.

Een nieuwe studie van Alloway et al.(2014) bij 410 volwassenen, bekeek de link tussen het bekende sociale media platform en narcisme en empathie. De onderzoekers merkten dat de verschillende toepassingen binnen Facebook belangrijk zijn. Chatten is volgens hen meer gelinkt aan inleven met de andere, terwijl de foto-functie meer narcistisch is.

Maar… de belangrijkste conclusie is dat dit in feite maar secundaire elementen zijn, de belangrijkste reden om Facebook te gebruiken is verbonden te blijven met elkaar.

Abstract van het onderzoek (free access):

The rise of social networking sites have led to changes in the nature of our social relationships, as well as how we present and perceive ourselves. The aim of the present study was to investigate the relationship among the following in adults: use of a highly popular social networking site—Facebook, empathy, and narcissism. The findings indicated that some Facebook activities, such as chatting, were linked to aspects of empathic concern, such as higher levels of Perspective Taking in males. The Photo feature in Facebook was also linked to better ability to place themselves in fictional situations. For only the females, viewing videos was associated with the extent to which they could identify with someone’s distress. The data also indicated that certain aspects of Facebook use, such as the photo feature, were linked to narcissism. However, the overall pattern of findings suggests that social media is primarily a tool for staying connected, than for self-promotion.





Presentatie: de turbulente toekomst van het internet

18 07 2014




Uitgebreide lezing van danah boyd over jongeren en media (video)

17 07 2014

Ik probeer al een tijdje danah boyd te overtuigen om naar onze regio te komen voor een paar lezingen, maar kreeg gisteren van haar te horen dat dit er voorlopig nog niet in zit. Dit is een andere optie, namelijk een uitgebreide lezing. De eigenlijke lezing begint op 7 minuten. Check ook deze recensie van haar meest recente boek.

 





Een nieuwe ‘Internet maakt ons dommer’-studie zegt vooral: leer op papier

15 07 2014

De onderzoekers hergebruikten een titel van Nicholas Carr voor hun studie,”Is Google Making Us Stupid? “, maar zet je zo op het verkeerde been. Wat echt onderzocht is, staat namelijk in de ondertitel: “The Impact of the Internet on Reading Behaviour.”

En daarover gaat het echt: onthou je beter als je iets op een scherm leest of op papier. We weten al van eerder onderzoek dat je best notities op papier neemt, maar ook voor het onthouden zou online lezen af te raden zijn.

Toch is meer dan de nodige voorzichtigheid aangewezen bij dit onderzoek dat vooral verkennend is en men vooral keek naar de perceptie van de ervaring. Echt een degelijke, vergelijkende test van hoeveel je onthoudt via papier versus scherm is niet gebeurd. In feite is het een verslag van een survey bij een zeer kleine niet random gekozen groep van 202 respondenten.

Abstract van het onderzoek:

This study explored the impact of the Internet on our reading behaviour. Using an exploratory survey, it examined the online and offline reading behaviour of individuals, and determined the underlying patterns, the differences between online and offline reading, and the impacts of the online environment on individuals’ reading behaviour. The findings indicated that there were definite differences between people’s online and offline reading behaviours. In general, online reading has had a negative impact on people’s cognition.
Concentration, comprehension, absorption and recall rates were all much lower while reading online than offline.





Presentatie: hoe gebruik je sociale media voor ‘academic branding’ (aka zelfpromotie voor academici)

13 07 2014







Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 5.945 andere volgers

%d bloggers like this: