In Spanje minder Erasmus-beurzen door besparingen (video)

18 04 2014




Waar blijft het protest tegen Facebook? (Linda Duits)

18 04 2014

facebook-problemwithreach-01In februari schreven we hier over het probleem met Facebook en pagina’s. Facebook heeft de algoritmen van de nieuwsfeed zo ingesteld dat het aantal mensen dat een post te zien krijgt danig verkleint (zie ook onze blogpost over het probleem van Facebook en de nieuwsfeed). Bij Diep betekent dit dat onze updates meestal slechts getoond worden aan 22 mensen. Facebook doet dit zo omdat de site hoopt dat je dan posts gaat promoten en dus gaat betalen voor zichtbaarheid. Dat voelt oneerlijk: de mensen die onze Facebookpagina liken zou ik gewoon moeten kunnen bereiken via die Facebookpagina. Volgens Derek Muller, de persoon achter Veritasium, is er meer aan de hand. Facebook zou werken met nep-likes, zo schreven we in onze blogpost.

Het verslechterde bereik van pagina’s begint steeds meer op te vallen. Next Monday’s Hangover is een organisatie die feesten organiseert. Hun pagina heeft 11.836 likes (volgers), maar ze schrijven dat een recente update slechts 271 van hen heeft bereikt – ondanks interactie met de post! Next Monday’s Hangover is voor hun promotie bijna geheel afhankelijk van Facebook. Een drama dus.

Vergelijkbaar las ik op Booooooom dat zij soms maar 400 mensen bereiken van de meer dan 155.000 mensen die hen hebben geliket op Facebook. Dat is minder dan één procent! Bij Diep moeten we dus blij zijn met de zes procent bereik. Jeff van Booooooom voorspelt dat dit het einde zal zijn van Facebook. Daar heb ik mijn twijfels over, maar eerst een meer prangende vraag: waar blijft het protest? Waar blijft de 1-miljard-mensen-tegen-de-nieuwsfeed-petitie?

Om niet afhankelijk te zijn van Facebook en toch niets van de blog van Linda Duits en co te missen, is er sinds kort een wekelijkse nieuwsbrief.





Facebook lanceert ‘nearby friends’, wie van je vrienden is er in de buurt

17 04 2014

Een grote gok is het niet, maar ik vermoed dat de komende dagen dit weer voor een privacy-debat kan zorgen. Facebook rolt namelijk momenteel een nieuwe mobiele functie uit waarmee je kan zien wie van je vrienden er fysiek in de buurt is.

Het is een opt-in-toepassing voorlopig, wat wil zeggen dat je de functie moet aanschakelen wil je er gebruik van maken. Ik vermoed dat echter het binnen de kortste keren een opt-out-toepassing zal worden waarbij de functie altijd aanstaat en je er moet voor kiezen om het uit te zetten.

Zelf heb ik de functie nog niet op mijn telefoon, en het is me niet duidelijk of Europa ook al de functie zal krijgen.

Mashable zette de stappen op een rij hoe je de functie kan gebruiken:

  • To see friends in your area, turn on Nearby Friends in settings within the mobile app. This feature is opt-in, meaning you must manually activate it if you want to be seen (or see others). Once the feature is activated, you’ll go through a small tutorial that explains how to use the feature.
  • You can select the groups on Facebook with which you want to share your location. You can’t share your location with the public or with friends of friends. You can only share it with friends or other groups that you have created, like “close friends” or “family.”
  • Facebook will notify you when friends are nearby, at which point you can message those friends if you want to connect. You won’t be able to see a friend’s exact location, however. For example, the app may say that a friend is within two miles, but the exact coordinates will not be shared automatically.

    The app won’t specify a distance closer than 0.5 miles, but Nearby Friends can discover people that are much further away — even on a separate coast. One Facebook employee used the feature to track another employee’s travels through Europe.

  • You can show your exact location to a friend, if you so choose, by sharing your location on a map for a set amount of time (until 6 p.m., for example) or by sharing your location indefinitely. When you choose this option, the friend you share with will have access to your exact location in real-time. Sharing your specific location may make sense if you are trying to help someone find you for lunch or drinks. Otherwise, simply being alerted that a friend is in the area may be enough.
  • If you turn on Nearby Friends, it will not turn off automatically. You will continue to broadcast your approximate location until the feature is manually turned off. Users be reminded that they are sharing their location thanks to push notifications, says Vaccari.




Slimme liften en een robot die de weg wijst, Microsoft verkent verder de interactie tussen mens en computer (video)

17 04 2014




Al een voorbereiding op moederdag: de zwaarste job ter wereld (video)

17 04 2014




Volgens Britse leerkrachten zien kinderen en ouders elkaar steeds minder

17 04 2014

Uit een bevraging bij 1343 leerkrachten door de vakbond Association of Teachers and Lecturers (ATL) blijkt dat de meeste respondenten aangeven dat ze denken dat gezinnen steeds minder tijd met elkaar doorbrengen. 56% gaf aan dat ze denken dat kinderen nu minder tijd doorbrengen met hun ouders dan 20 jaar geleden.

74% echter stelt dat kinderen en hun ouders minder tijd samen hebben dan 5 jaar geleden en 61% denkt dat kinderen en ouders minder samen kunnen zijn dan 2 jaar terug.

De grote meerderheid ziet als verklaring de werkdruk van de ouders (94%), 92% ziet ook een negatieve invloed van technologie.

Enkele quotes uit het rapport:

A primary school teacher in Bexley said: “I feel that, through no fault of the parents, there is an expectation to work before looking after your own family.

“Living costs mean it is unaffordable for only one parent to work, and there is less importance attached to bringing up children, with a detrimental effect on children and family life, with more use of technology and less time spent together.”

A teacher at an independent school in Cambridgeshire said: “Many students travel for one to two hours to get to school.

“Most students have a full extra-curricular programme – music, dance, clubs – and then they’re expected to do up to three hours of homework a night.

“They are exhausted a couple of weeks into term.”

Het is natuurlijk een indirect meten van de eigenlijke tijd dat gezinnen met elkaar doorbrengen. Men bevroeg de perceptie van de leerkrachten, waarbij je vaak ook meer te weten komt over de leerkrachten zelf, maar toch als insteek interessant.

Als we kijken naar ander onderzoek dat effectief de tijd samen meet (we vermeldden dit ooit al in De Jeugd Is Tegenwoordig), dan spreken de onderzoeken elkaar tegen. De OESO stelt bijvoorbeeld wel degelijk een vermindering vast, terwijl Nederlandse onderzoekers van SCP dit niet konden vaststellen.

Een uitgebreide perstekst met cijfers vind je hier.





IPSOS-onderzoek: Belgische jongeren meest pessimistisch over de toekomst

16 04 2014

We hadden enkele weken geleden de publicatie van de JOP-monitor, en alhoewel sommigen vinden dat dergelijke onderzoeken overbodig zijn, is er sinds gisteren ook een nieuw onderzoek naar jongeren van IPSOS waarbij gekeken werd naar het optimisme bij jongeren in 20 landen wereldwijd. En wat blijkt? De Belgische jongeren zijn het meest pessimistisch over de toekomst:

Nee, deze jongeren denken niet dat ze het beter zullen hebben dat hun ouders:

In vorige onderzoeken, bvb het IVOX-Trendwolves-onderzoek of de JOP-monitor, komt dit pessimisme of angst voor de toekomst ook terug, maar met een belangrijk element dat in dit onderzoek lijkt te ontbreken: het onderscheid tussen persoonlijk en globaal optimisme. Uit de andere onderzoeken blijkt namelijk dat men denkt dat dé jongere het niet goed zal hebben, maar dat ze nog steeds relatief optimistisch zijn over de eigen, persoonlijke toekomst.

In oa het Kairos-rapport van vorig jaar zie je ook de grote verschillen tussen de Westerse wereld en de rest van de aardbol.

 





De gevolgen van hersenschudding en andere trauma’s bij tieners: hogere kans op oa pesten en zelfmoord?

16 04 2014

Een apart onderzoek werd gepubliceerd op Plos One. Gabriela Ilie en haar collega-auteurs onderzochten data van de 2011 Ontario Student Drug Use and Health Survey waarin ook voor het eerst vragen werden opgenomen of de jongere al dan niet ooit een hersentrauma opgelopen heeft.

De onderzoekers stellen vast op basis van deze data dat een jongere die bijvoorbeeld ooit een hersenschudding opliep significant meer kans loopt om een zelfmoordpoging te ondernemen, gepest te worden, zelf te pesten of hulp gezocht hebben bij een jongerentelefoon voor angst, depressie of beide.

Moet je je nu zorgen maken als je ooit zelf of je kinderen ooit een hersenschudding hebben opgelopen? Significant meer kans wil nog niet zeggen dat er massaal kans is. Bij zelfmoordpoging is het wel een verdriedubbeling van 2% naar net geen 6% in de populatie. Een ander gegeven is dat de onderzoekers wel degelijk voor veel mogelijke invloeden controleren, maar niet kunnen weten wat de situatie van de hersenaandoening ooit was. Het kan bijvoorbeeld zijn dat de jongere zelf al meer gevaarlijk gedrag vertoonde dat leidde tot bijvoorbeeld de hersenschudding en dat ditzelfde gedrag ook mee verantwoordelijk is voor bijvoorbeeld het pestgedrag.

Belangrijkste oproep in dit onderzoek is vooral om nog meer in te zetten op de preventie van hersentrauma’s.

Abstract van het onderzoek:

Objective

Our knowledge on the adverse correlates of traumatic brain injuries (TBI), including non-hospitalized cases, among adolescents is limited to case studies. We report lifetime TBI and adverse mental health and conduct behaviours associated with TBI among adolescents from a population-based sample in Ontario.

Method and Findings

Data were derived from 4,685 surveys administered to adolescents in grades 7 through 12 as part of the 2011 population-based cross-sectional Ontario Student Drug Use and Health Survey (OSDUHS). Lifetime TBI was defined as head injury that resulted in being unconscious for at least 5 minutes or being retained in the hospital for at least one night, and was reported by 19.5% (95%CI:17.3,21.9) of students. When holding constant sex, grade, and complex sample design, students with TBI had significantly greater odds of reporting elevated psychological distress (AOR = 1.52), attempting suicide (AOR = 3.39), seeking counselling through a crisis help-line (AOR = 2.10), and being prescribed medication for anxiety, depression, or both (AOR = 2.45). Moreover, students with TBI had higher odds of being victimized through bullying at school (AOR = 1.70), being cyber-bullied (AOR = 2.05), and being threatened with a weapon at school (AOR = 2.90), compared with students who did not report TBI. Students with TBI also had higher odds of victimizing others and engaging in numerous violent as well as nonviolent conduct behaviours.

Conclusions

Significant associations between TBI and adverse internalizing and externalizing behaviours were found in this large population-based study of adolescents. Those who reported lifetime TBI were at a high risk for experiencing mental and physical health harms in the past year than peers who never had a head injury. Primary physicians should be vigilant and screen for potential mental heath and behavioural harms in adolescent patients with TBI. Efforts to prevent TBI during adolescence and intervene at an early stage may reduce injuries and comorbid problems in this age group.





Video over hoe assessment leren moet ondersteunen

16 04 2014

Dit is een derde in een reeks iets oudere, maar zeker relevante TLRP-video’s over effectief leren.





Onderzoek Media Ukkie Dagen: ‘Digitale media geen structureel onderdeel van de kinderopvang’ (Dennis Hoogervorst)

16 04 2014

Deze blogpost verscheen eerst op Kids en Jongeren marketing, overgenomen met permissie!

Vier  van de tien Nederlandse kinderopvanginstellingen gebruiken geen digitale media (zoals radio, televisie, tablets of spelcomputers) bij de opvang van kinderen van 2 t/m 4 jaar. Zij doen dit of omdat zij deze media niet geschikt vinden voor kinderen (47%) of omdat zij daar de financiële middelen niet voor hebben (40%). Het merendeel van deze instellingen (80%) is ook niet van plan om digitale media in de nabije toekomst te gaan inzetten. Dat blijkt uit vandaag gepresenteerd onderzoek Media in de kinderopvang (pdf) onder 238 kinderopvanginstellingen.

Dit onderzoek, uitgevoerd in opdracht van Mediawijzer.netNederlands Jeugdinstituut en Sardes, is vandaag tijdens het symposium Ukkies, hun brein en media-opvoeding gepresenteerd. Dit symposium over de rol van digitale media bij de opvoeding van kinderen t/m 6 jaar, is gehouden in het kader van Media Ukkie Dagen die dit jaar lopen van 9 t/m 18 april.

Uit de studie komt naar voren dat zes op de tien kinderopvanginstellingen wel digitale media inzetten. Het merendeel daarvan (54%) heeft echter geen specifieke richtlijnen opgenomen in haar pedagogisch beleidsplan.  Dit percentage ligt bij voorleesboeken fors hoger: ruim 92% van de instellingen besteedt hier aandacht aan in het pedagogisch beleidsplan.

Als er in het pedagogisch beleidsplan aandacht aan digitale media wordt besteed, betreft dat vooral afspraken over de tijd die kinderen met media doorbrengen en criteria voor welke media wel of juist niet geschikt zijn voor kinderen. Bij ongeveer de helft van de pedagogische beleidsplannen hebben de ouders inspraak in hoe media door kinderen gebruikt mogen worden.

Luistermedia, zoals radio of cd-spelers zijn de meest gebruikte digitale media (94%), gevolgd door kijkmedia, zoals televisie en dvd (69%). Een derde (32%) van de locaties beschikt over interactiemedia, zoals computers, tablet of smartphone; 11% heeft speelmedia, zoals een spelcomputer of spelconsole. Eén op de vijf (18%) van de kinderopvanginstellingen geeft aan dat ze beschikken over alle typen media.

Televisie, tablets en spelcomputers worden vooral ingezet voor educatieve doeleinden, radio of cd’s daarnaast ook voor ontspanning. Van de kinderopvanginstellingen die digitale media hebben en gebruiken, geeft 68% aan dat zij geen ondersteuning nodig hebben bij het gebruik van deze media. Als er wel behoefte bestaat aan ondersteuning, betreft dat vooral aan advies over mediabeleid, de keuze van geschikte media-apparaten en mediaproducties en ondersteuning bij het inpassen van media in het dagritme.








Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 5.588 andere volgers

%d bloggers like this: